Go to content
Artikel 20/12/22

Wat zijn informele maatregelen?

In ons toezicht maken wij gebruik van formele en informele maatregelen om naleving van wet- en regelgeving te bewerkstelligen. Informele handhaving doen wij meestal in de vorm van een normoverdragende brief. Daarnaast sturen wij norminformerende brieven. Wij lichten toe wat het verschil is.

 

Ingrijpen bij overtreding

De AFM heeft de taak om toe te zien op de naleving van de financiële wet- en regelgeving. Een uitgangspunt daarbij is dat we optreden zodra we bekend zijn met een overtreding. De manier waarop we dat dan doen, hangt af van de concrete situatie. We kunnen gebruikmaken van de formele maatregelen die de wet ons biedt, zoals het opleggen van een boete. Maar we kunnen ook kiezen voor informele maatregelen om het gewenste effect te bereiken. We kijken afhankelijk van de concrete situatie welke maatregel het meest passend is. We doen dit op basis van het handhavingsbeleid dat we samen met DNB hebben ontwikkeld.

Normoverdragende brief: een informele maatregel

Bij wetsovertredingen kan de AFM een normoverdragende brief sturen. Dit is een informele maatregel. De AFM geeft in de brief aan op welke punten een norm is overtreden. We vragen de instelling hoe zij dit herstelt of hoe zij toekomstige overtreding van de norm gaat voorkomen. Soms nodigen we instellingen uit om voor het versturen van de normoverdragende brief te reageren op de overtredingen. Dat doen we bijvoorbeeld als uit een zelfrapportage blijkt dat een instelling niet-compliant is, maar de AFM niet over de volledige informatie beschikt om dit vast te stellen.

Oud beleid: Normoverdragende brief of normoverdragend gesprek

Vanaf 1 januari 2024 wordt door de AFM geen gebruik meer gemaakt van dit instrument. De AFM gaf vóór 1 januari 2024 met een normoverdragende brief de onderneming schriftelijk of mondeling uitleg over de overtreden norm en de onderneming wordt erop gewezen dat zij in overtreding is van wet- en regelgeving.


Waarschuwingsbrief: zwaarste informele maatregel

Het kan zijn dat wij de overtreding te zwaar vinden voor een normoverdragende brief. In dat geval sturen wij een waarschuwingsbrief. We wegen daarin bijvoorbeeld mee of er sprake is van een herhaling van een overtreding. Ook als er meerdere overtredingen tegelijk hebben plaatsgevonden of als de overtreding veel deelnemers raakt of een grote impact heeft, kunnen we kiezen voor een waarschuwingsbrief. In reactie op een waarschuwingsbrief moet de onderneming aangeven hoe zij dit herstelt en hoe zij zorgt dat de overtreding niet opnieuw plaatsvindt.

Toezichtantecedenten bij informele maatregelen

Zowel de normoverdragende brief als de waarschuwingsbrief zijn toezichtantecedenten voor iedereen die ten tijde van de overtreding een functie als (mede)beleidsbepaler bekleedt bij of feitelijk zeggenschap heeft over de instelling die de overtreding begaat. Dit zijn doorgaans de bestuursleden en intern toezichthouders. Toezichtantecedenten kunnen relevant zijn voor de beoordeling van de geschiktheid en de betrouwbaarheid van betrokken personen. Antecedenten als gevolg van een AFM-maatregel moet je zelf direct doorgeven aan andere toezichthouders, zoals DNB.

Norminformerende brief is geen antecedent

Wanneer geen sprake is van een overtreding, kiest de AFM soms voor een norminformerende brief. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn als de norm nog niet voldoende duidelijk is. In de brief licht de AFM toe wat de norm inhoudt en op welke punten de instelling volgens de AFM niet volledig op de norm aansluit. Een norminformerende brief is geen toezichtantecedent.

 

Contact bij dit artikel

AFM

Wilt u het laatste nieuws van de AFM ontvangen?

Schrijft u zich dan in voor onze nieuwsbrief, dan houden wij u op de hoogte.