Terug

Welke looptijd geldt voor mijn complexe product (recht van deelneming in een beleggingsinstelling)?

In artikel 3:5, lid 1, Nadere Regeling gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft (‘NRgfo’) is bepaald op welke contractuele looptijden een financiële bijsluiter gebaseerd moet zijn voor zover van toepassing voor de berekening van het financiële risico, de kosten en opbrengsten. Kent een product een vaste looptijd die niet afwijkt voor verschillende consumenten, dan is de financiële bijsluiter gebaseerd op de vaste looptijd (artikel3:5, lid 1, sub a, NRgfo). Kent een product geen vaste looptijd, dan geldt artikel 3:5, lid 1, sub b, NRgfo en moet worden uitgegaan van de aannames voor de verschillende producten. Voor een recht van deelneming geldt in dat geval een looptijd van 1 jaar. In artikel 3:5, lid 3, sub a, NRgfo is bepaald dat een tussenliggende looptijd van 1 jaar geldt als de contractuele looptijd langer is dan 1 en korter dan of gelijk is aan 10 jaren.


Naar alle veelgestelde vragen