Terug

Kan een product dat tot 31 december 2006 onder het artikel 3 lid 4 Wte regime viel met ingang van de Wft op 1 januari 2007 een beleggingsobject zijn?

Met het opgaan van de Wte 1995 in de Wet op het financieel toezicht (Wft) per 1 januari 2007, is het prospectusregime van artikel 3 lid 4 Wte 1995 komen te vervallen. Afhankelijk van onder meer de verhandelbaarheid van uw product zal het worden aangemerkt als een financieel product, bijvoorbeeld een effect, een ander financieel instrument of een beleggingsobject (artikel 1:1 Wft).

Door het vervallen van het artikel 3 lid 4 Wte-regime kwalificeert het product waarvoor u in 2006 een prospectus deponeerde, mogelijk sinds 1 januari 2007 als beleggingsobject. Wij willen u erop wijzen dat het aanbieden van beleggingsobjecten zonder vergunning op grond van artikel 2:55 Wft verboden is. Zeker wanneer de overdraagbaarheid van uw product is uitgesloten, is de kans aanwezig dat het product als beleggingsobject is aan te merken en u dus over een vergunning dient te beschikken. 

Maar als u sinds 1 januari 2007 geen nieuwe overeenkomsten meer aangaat, bent u op grond van artikel 1b Tijdelijke regeling invoering Wft uitgezonderd van de vergunningplicht.



Naar alle veelgestelde vragen