Keuzebegeleiding

Het is in het belang van pensioendeelnemers dat die goed worden begeleid bij het maken van de verschillende keuzes. Mensen hebben moeite met het maken van financiële keuzes met gevolgen voor de lange termijn, blijkt uit gedragseconomisch onderzoek. Dit geldt zeker ook voor pensioenkeuzes. Een niet passende keuze kan leiden tot een tegenvallend of zelfs te laag pensioen.

In de concept Wet toekomst pensioen wordt een nieuwe wettelijke norm geïntroduceerd die pensioenuitvoerders verplicht om deelnemers op een adequate wijze te begeleiden bij het maken van (voorlopige) keuzes binnen de pensioenregeling. De keuzes die deelnemers maken moeten zo goed mogelijk aansluiten bij hun behoeftes of doelstellingen.

Hierbij moet ook rekening worden gehouden met een eventuele stapeling van keuzes, denk bijvoorbeeld aan een deelnemer die kiest voor zowel een bedrag ineens als een vervroeging van zijn uitkering. Pensioenuitvoerders moeten deelnemers daarom informeren over de keuzes binnen de regeling en de gevolgen (van een combinatie) van deze keuzes. De verstrekte informatie moet aanzetten tot relevante actie.

Onderdeel van keuzebegeleiding is ook dat pensioenuitvoerders een keuzeomgeving inrichten die deelnemers in staat stelt een passende keuze te maken. De keuzeomgeving is de wijze waarop keuzes, keuzeopties, standaardopties en informatie daarover aan deelnemers worden beschreven en voorgelegd. Dit omvat het gehele keuzeproces, vanaf het moment dat deelnemers voor het eerst informatie ontvangen. De keuzeomgeving kan bestaan uit een combinatie van verschillende kanalen, zoals een brief, telefonie en een website. De pensioenuitvoerder mag daarbij advies geven over keuzes binnen de regeling, maar dit is, met uitzondering van advies bij beleggingsvrijheid, geen verplichting.

In een animatie vatten we de rol van pensioenuitvoerders bij keuzebegeleiding kort samen.

Alsjeblieft accepteer marketingcookies om deze video te bekijken.

Animatievideo pensioenuitvoerders

Voorlopige leidraad keuzebegeleiding

Zoals in de animatie naar voren komt is goede keuzebegeleiding van belang voor deelnemers. Zij moeten in staat gesteld worden om een keuze te maken die past bij hun voorkeuren en financiële doelstelling of wensen. De AFM heeft een voorlopige leidraad keuzebegeleiding gepubliceerd die richting en duidelijkheid geeft aan pensioenuitvoerders bij het inrichten, uitvoeren en doorlopend verbeteren van keuzebegeleiding. De leidraad geldt vanaf het moment dat de Wet toekomst pensioenen, en daarmee de norm keuzebegeleiding, inwerking treedt. Mocht de keuzebegeleidingsnorm nog gewijzigd worden, dan kan dat uiteraard impact hebben op de inhoud van de leidraad. Daarom spreken we ook nog van een voorlopige leidraad. Enkele belangrijke overwegingen die de AFM meegeeft in de leidraad zijn

  • Deelnemers verschillen van elkaar. Ze hebben verschillende behoeftes, kenmerken en vaardigheden bij het maken van pensioenkeuzes. Hoe beter de verstrekte informatie en de keuzeomgeving aansluit bij de deelnemer, des te beter de deelnemer keuzes kan maken;
  • Het bepalen van een goede, bij voorkeur gepersonaliseerde of gesegmenteerde, standaardoptie (de ‘default’) is essentieel;
  • Adequate keuzebegeleiding is een continu proces van inrichten, uitvoeren, monitoren, evalueren en indien nodig verbeteren.

Onderzoek naar de begeleiding van de keuze vast/variabel

De AFM heeft al geruime tijd aandacht voor het begeleiden van deelnemers bij keuzes. Wij hebben sinds 2016, het moment dat deelnemers konden kiezen tussen een vaste en een variabele uitkering, verschillende onderzoeken gedaan naar de wijze waarop pensioenaanbieders hun deelnemers begeleiden bij keuzes die zij moeten maken. Deze onderzoeken zijn gebundeld in het ‘Onderzoeksrapport variabele uitkeringen’. Uit deze onderzoeken blijkt onder meer dat de keuzebegeleiding bij variabele uitkeringen, zowel op het voorlopig als op het definitieve keuzemoment, beter moet. In het rapport hebben wij verschillende aanbevelingen voor pensioenaanbieders opgenomen. Deze aanbevelingen zijn ook van toepassing op andere keuzes die deelnemers maken, zoals de keuze op pensioendatum voor een hooglaagpensioen, of de toekomstige keuze voor een lumpsum.