Terug

Kan een beleggingsonderneming volstaan met cliënten te verwijzen naar een kantoor of het call center voor informatie over de plaatsen van uitvoering in haar orderuitvoeringsbeleid?

Nee, een beleggingsonderneming die voor rekening van cliënten orders met betrekking tot financiële instrumenten uitvoert heeft een actieve plicht om schriftelijk of op een andere duurzame drager dan wel via een website een overzicht van de plaatsen van uitvoering aan cliënten te verstrekken.
 
Achtergrond
Artikel 4:90b, derde lid, van de Wft bepaalt dat een beleggingsonderneming haar cliënten deugdelijke informatie verstrekt over haar orderuitvoeringsbeleid. [...]

Artikel 49a, eerste lid, van het Bgfo vereist dat een beleggingsonderneming aan haar cliënt schriftelijk informatie verstrekt over onder meer het orderuitvoeringsbeleid en wezenlijke wijzigingen in het orderuitvoeringsbeleid. De beleggingsonderneming kan na toestemming van de cliënt, de informatie op een duurzame drager verstrekken, indien dat past in de context waarin zij met de cliënt zaken doet.

Artikel 49a, tweed lid, van het Bgfo bepaalt dat een beleggingsonderneming, na toestemming van de cliënt, de op grond van onder meer artikel 59 te verschaffen informatie die niet persoonlijk tot de cliënt is gericht via haar website kan verstrekken, indien:

  1. het gebruik van de website past in de context waarin zij met de cliënt zaken doet;
  2. de cliënt elektronisch op de hoogte wordt gesteld van het adres van de website en de plaats op de website waar de informatie kan worden verkregen;
  3. de informatie actueel is en, zolang dat vor de cliënt van belang is, op de website toegankelijk blijft.

Artikel 59 van het Bgfo bepaalt dat een beleggingsonderneming een niet-professionele belegger voorafgaand aan het uitvoeren van een order met betrekking tot een financieel instrument voor diens rekening de volgende informatie verstrekt over haar orderuitvoeringsbeleid:

  1. een uitleg over het relatieve gewicht dat de beleggingsonderneming overeenkomstig artikel 4:90a, tweede lid, van de wet toekent aan de in artikel 4:90a, eerste lid, van de wet genoemde factoren, of over de wijze waarop zij het relatieve gewicht van deze factoren bepaalt;  
  2. een overzicht van de plaatsen van uitvoering waarop de beleggingsonderneming een aanzienlijk beroep doet om haar verplichting na te komen om alle redelijke maatregelen te nemen teneinde bij de uitvoering van orders van cliënten steeds het best mogelijke resultaat te behalen;
  3. een duidelijke waarschuwing dat een specifieke instructie van de cliënt de beleggingsonderneming kan beletten de door haar vastgestelde en in haar orderuitvoeringsbeleid opgenomen maatregelen te nemen om bij de uitvoering van de desbetreffende order het best mogelijke resultaat te behalen voor de elementen waarvoor deze instructie geldt.

Dit betekent dat een beleggingsonderneming een overzicht van de plaatsen van uitvoering of wel schriftelijk of op een andere duurzame drager (artikel 49a, eerste lid, Bgfo) dan wel via een website die niet als duurzame drager kwalificeert (artikel 49a, tweede lid, Bgfo) dient te verstrekken. 

Onder een duurzame drager dient op grond van artikel 1:1 van de Wft te worden verstaan: ieder hulpmiddel dat de consument of cliënt in staat stelt persoonlijk aan hem gerichte informatie op te slaan op een wijze die deze informatie toegankelijk maakt voor toekomstig gebruik gedurende een periode die is afgestemd op het doel waarvoor de informatie kan dienen, en die een ongewijzigde reproductie van de opgeslagen informatie mogelijk maakt. Hierbij moet volgens overweging 20 bij de richtlijn verkoop op afstand van financiële diensten aan consumenten vooral worden gedacht aan computerdiskettes, cd-roms en de harde schijf van de computer (voor de opslag van elektronische boodschappen). De computerdiskettes of cd-roms moeten aan de consument of cliënt worden toegestuurd. Het gegeven dat de harde schijf van een computer (voor de opslag van elektronische boodschappen) eveneens als duurzame drager wordt beschouwd heeft tot gevolg dat de leverancier de  voorgeschreven informatie ook per elektronische post kan toesturen aan de consument of cliënt. Dit opdat de consument of cliënt het elektronische bericht kan opslaan op de harde schijf van zijn computer. Of de consument of cliënt het elektronische bericht na ontvangst daadwerkelijk opslaat op de harde schijf, komt overigens niet voor risico van de financiële onderneming.

Internetsites worden in beginsel niet als duurzame drager beschouwd, tenzij deze voldoen aan bovengenoemde in de definitie van duurzame drager opgenomen criteria.



Naar alle veelgestelde vragen