Terug

Wanneer moet de boete worden betaald?

De AFM houdt op basis van verschillende wetten toezicht op de financiële sector, waarvan de belangrijkste de Wet op het financieel toezicht (Wft), de Pensioenwet, de Wet handhaving Consumentenbescherming en de Wet toezicht accountantsorganisaties zijn. Op grond van deze wetten heeft de AFM de bevoegdheid om voor overtreding van met name genoemde artikelen een bestuurlijke boete op te leggen.

Op grond van de Algemene wet bestuursrecht dient een boete te worden betaald binnen zes weken na de inwerkingtreding van het besluit. Onder de Wft geldt dat het maken van bezwaar de verplichting om de boete te betalen schorst totdat op het bezwaar is beslist (artikel 1:85, eerste lid, Wft). De verplichting tot betaling van de boete wordt ook geschorst als na de bezwaarprocedure in beroep wordt gegaan, totdat op het beroep is beslist (artikel 1:85, tweede lid, Wft). Er moet wel wettelijke rente worden betaald over de periode dat de verplichting om de boete te betalen is geschorst (artikel 1:85, tweede lid, Wft).

Onder de andere hierboven genoemde wetten geldt ten aanzien van de schorsende werking van de betaling van de boete een ander regime. Op grond van artikel 6:16 Awb wordt namelijk door het aantekenen van bezwaar of beroep tegen het boetebesluit de verplichting tot betaling van de boete niet geschorst. De boete dient dus altijd te worden betaald binnen zes weken na inwerkingtreding van het boetebesluit. Als de boete niet wordt betaald binnen deze zes weken dan is wettelijke rente verschuldigd.



Naar alle veelgestelde vragen