Terug

2010: Erkenning voor AFM

2010In 2010 krijgt de AFM meer mogelijkheden om (in)formeel te beïnvloeden. Zo heeft de AFM meerdere benaderingen om de markt te stimuleren en kan zo het effect van haar toezicht vergroten. De bereidheid tot naleving van alle wetten en regels is niet bij elke doelgroep of instelling dezelfde. De markt moet wennen aan deze vernieuwde manier van toezichthouden.

'Dakpanconstructie' afgeschaft

Door inspanningen van de AFM hebben banken hun spaarassortiment aangepast en de dakpanconstructie afgeschaft. Die constructie houdt in dat banken gelijksoortige spaarrekeningen introduceren met verschillende rentes. Ze laten de rente op een bepaalde spaarrekening na enige tijd dalen om vervolgens een vrijwel identieke spaarrekening met een hogere rente te introduceren. Klanten die niet overstappen (en die zijn er altijd) worden dan de dupe van de lagere rente op de bestaande spaarrekening.

Publicatie rapport Commissie de Wit

De Commissie de Wit publiceert haar bevindingen van het onderzoek naar de (oorzaak van de) problemen in het financiële stelsel tijdens de kredietcrisis. De commissie doet de aanbeveling het toezicht op de financiële sector te verscherpen door de oprichting van een Europese toezichthouder. Een ander belangrijk punt van kritiek is de bonuscultuur in de financiële wereld, waardoor het halen van omzet (targets) bij banken en bijbehorend eigen belang belangrijker wordt dan het veiligstellen van het uitgeleende kapitaal. Daar komt bij dat banken in geringe mate blijk geven van een kritische kijk op de eigen rol in het ontstaan van de problemen, en het falen van het voorkomen ervan.

Invoering dashboard Klantbelang Centraal (KBC)

AFM voert het dashboard Klantbelang Centraal (KBC) in. Verzekeraars en banken worden vanaf nu beoordeeld op de mate waarin zij klantbelang als uitgangspunt nemen. Dit dasboard wordt jaarlijks gepubliceerd zodat de prestaties ook zichtbaar worden voor algemeen publiek.

23 juni 2010 - Onderzoek faillissement DSB Bank

Rapport commissie Scheltema: onderzoek naar faillissement DSB Bank in 2009. De commissie heeft uitgebreid onderzoek verricht naar de ondergang van DSB Bank. De problemen hebben grote consequenties gehad voor zowel consumenten als werknemers van DSB Bank en voor de financiële sector als geheel. Scheltema stelt dat “het toezicht van de AFM op DSB in het algemeen adequaat is geweest”. Volgens de Commissie had de AFM een goed beeld van de problemen bij DSB en trad zij daartegen in het algemeen ook op. De Commissie Scheltema vindt wel ‘dat de AFM eerder tegen evidente misstanden had kunnen optreden als de AFM minder prioriteit had gegeven aan een marktbrede aanpak en verfijnde handhaving’.

16 november 2010 - Aanpak oplichting teakhoutbeleggingen

De AFM treedt op tegen oplichting in teakhoutbeleggingen: er worden diverse boetes opgelegd en er lopen rechtszaken tegen onder andere Goodwood en Terra Vitalis. Uit onderzoek bleek dat er partijen actief zijn, die beleggers een aanbod doen om in het verleden gekochte houtparticipaties op te kopen. Onderdeel van het aanbod is dat de beleggers eerst nieuwe houtparticipaties van de nieuwe aanbieder moeten afnemen. Als de belegger het geld overmaakt voor de nieuwe participatie hoort deze vervolgens niets meer van de aanbieder. De AFM treedt op tegen de malafide aanbieders en raadt beleggers aan om goed onderzoek te doen naar een aanbieder van houtparticipaties voordat zij geld overmaken.

Belangrijke onderzoeken

In 2010 zijn er 2 belangrijke onderzoeken naar het Nederlandse toezicht: dat van het IMF (Internationaal Monetair Fonds) en de minister van Financiën. Het IMF constateert dat het Twin Peaksmodel (de taakverdeling tussen DNB en AFM) ook gedurende de crisis heeft bewezen een bruikbaar toezichtmodel te zijn. Het IMF geeft in zijn voorlopige conclusies aan dat de AFM beschikt over een adequaat toezichtkader voor financiële markten, waarbij Nederland in grote mate voldoet aan de internationale standaarden die zijn opgesteld. Het IMF wijst Nederland wel op een aantal essentiële veranderingen die nodig zijn om het toezicht te verbeteren. Een belangrijke aanbeveling is dat de toezichthouders eerder in het productontwikkelingsproces zouden moeten kunnen ingrijpen.  De minister van Financiën moet op grond van de Wft iedere 5 jaar een verslag uitbrengen over de doelmatigheid en doeltreffendheid van het functioneren van de AFM en DNB. Minister De Jager komt onder meer tot de conclusie dat de AFM een organisatie is die in staat is slagvaardig op te treden en in te spelen op veranderende (markt)omstandigheden. De AFM opereert in het algemeen transparant. Het blijkt dat het grootste deel van de ondervraagde instellingen onder toezicht tevreden is over het contact met de AFM. De minister merkt ook op dat burgers en bedrijven gebaat zijn bij een toezichthouder die bij geconstateerde risico’s slagvaardig optreedt en daar waar nodig de grenzen van de wet opzoekt.

Informatie delen

Delen via: deel