Terug

AFM stelt normen kennis en bekwaamheid uit ESMA-richtsnoeren vast

Nieuws

dossier

De AFM heeft vastgesteld hoe zij omgaat met de minimumnormen in de ESMA-richtsnoeren voor de beoordeling van de kennis en bekwaamheid.

De AFM heeft besloten de criteria uit de richtsnoeren over te nemen en geen lijst met specifieke passende kwalificaties te publiceren. Voor de kenmerken van de passende kwalificatie sluit de AFM aan bij de definitie in de richtsnoeren, met de toevoeging dat het personeel aantoonbaar een kwalificatie of andere toets of opleiding met succes behaald moet hebben. De AFM stelt dus geen aanvullende eisen aan de passende kwalificatie, anders dan dat deze aantoonbaar moet zijn.

Daarnaast heeft de AFM besloten:

  • de vereiste periode om passende ervaring op te doen, vast te stellen op 12 maanden op voltijdsbasis;
  • de maximale periode dat een personeelslid ten hoogste onder toezicht mag werken te handhaven op 4 jaar;
  • dat de beoordeling van de passende kwalificatie van personeelsleden dient te worden uitgevoerd door de onderneming en dat deze zich hierbij mag baseren op het oordeel van een externe instelling, zoals DSI.

ESMA heeft in de richtsnoeren voor de beoordeling van de kennis en bekwaamheid, de norm voor de vakbekwaamheid van werknemers die klanten informeren en adviseren uit MiFID II nader uitgewerkt. De richtsnoeren bevatten onder meer een aantal minimumnormen. De AFM mag hiervoor hogere kennis- en bekwaamheidsniveaus eisen en moet hierover publiceren op haar website.

De richtsnoeren, inclusief de hierboven vermelden normen, gelden vanaf 3 januari 2018.

De AFM maakt zich sterk voor eerlijke en transparante financiële markten.

Als onafhankelijke gedragstoezichthouder dragen wij bij aan duurzaam financieel welzijn in Nederland.

Informatie delen

Delen via: deel