Terug

Uitkeringsfase

Na de opbouwfase volgt de uitkeringsfase. Met het geld dat je hebt gespaard of hebt opgebouwd via beleggen, ga je een uitkering aankopen. Je kunt zelf kiezen bij welke bank of verzekeraar je deze uitkering aankoopt. Je kunt bij meerdere verzekeraars of banken een offerte aanvragen. Op basis van deze offertes kies je bij wie je een uitkering wilt aankopen.

Lijfrente-uitkering bij een verzekeraar

Bij een verzekeraar bestaat de mogelijkheid om een levenslange - óf een tijdelijke lijfrente aan te kopen. Een levenslange lijfrente is een uitkering die je ontvangt tot dat je overlijdt. Een tijdelijke lijfrente keert minimaal vijf jaar uit. De uitkering moet ingaan tussen je 65e en 70ste jaar. Denk goed na als je een uitkering aankoopt of je daarbij ook een verzekering bij overlijden wilt afsluiten. Als je een verzekering bij overlijden afsluit, dan krijgen je nabestaanden een periodieke uitkering als je komt te overlijden. Doe je dit niet, dan stopt de uitkering als je overlijdt.

Lijfrente-uitkering bij een bank

Een lijfrente bij een bank biedt altijd een tijdelijke uitkering. Hierbij kun je kiezen voor verschillende uitkeringsperioden: 

  • Uitkering na je 65ste:
    De uitkeringsperiode moet minimaal 5 jaar zijn en de uitkering moet in gelijke bedragen zijn.
  • Uitkering voor je 65ste:
    De uitkeringsperiode moet minimaal 20 jaar plus het aantal jaren dat je vóór je 65ste de uitkering krijgt. Bijvoorbeeld: voor een 55-jarige is dit een uitkeringsperiode van 30 jaar, voor een 62-jarige is dit een uitkeringsperiode van 23 jaar.
    Kom je te overlijden dan komt het nog uit te keren bedrag toe aan je nabestaanden en/of erfgenamen. Met dit bedrag moeten zij wel een (nieuwe) lijfrente te kopen.

Let op! De uitkeringsfase moet uiterlijk starten in het jaar dat je 70 jaar wordt. Doe je dit niet, dan wordt dit door de belastingdienst gezien als afkoop. Dit betekent dat je direct inkomstenbelasting en een boeterente moet betalen over het opgebouwde bedrag.

Informatie delen

Delen via: deel