Terug

Moet er voor lijfrentebeleggingsrekeningen of lijfrentebeleggingsrechten een Eid voor pensioenproducten worden opgesteld?

Uit artikel 65, eerste lid, Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft (BGfo) volgt dat voor derdepijlerpensioenproducten een Eid voor pensioenproducten dient te worden opgesteld. Niet alle pensioengerelateerde producten of diensten vallen onder de definitie van derdepijlerpensioenproduct.* De AFM heeft vragen gekregen over de noodzaak om een Eid op te stellen bij lijfrentebeleggingsrechten en lijfrentebeleggingsrekeningen. Lijfrentebeleggingsrechten vallen wel onder de definitie, maar lijfrentebeleggingsrekeningen niet. Wij lichten dat hieronder toe.

Lijfrentebeleggingsrechten

Een lijfrentebeleggingsrecht als bedoeld in artikel 3.126a, eerste lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001, valt onder de definitie van derdepijlerpensioenproducten. Een lijfrentebeleggingsrecht is een geblokkeerd recht van deelneming in een beleggingsinstelling (bi) of instelling voor collectieve belegging in effecten (icbe). Deze wordt aangeboden door een beheerder van een icbe of bi. Een recht van deelneming in een beleggingsinstelling of icbe, niet zijnde een effect, is een financieel instrument in de zin van artikel 1:1 Wft, en daarmee een financieel product. Tevens heeft het product een beleggingscomponent en een fiscale schil. Een lijfrentebeleggingsrecht is dus een derdepijlerpensioenproduct en hiervoor dient de ontwikkelaar een Eid voor pensioenproducten op te stellen.

Lijfrentebeleggingsrekeningen

Met een lijfrentebeleggingsrekening wordt bedoeld: de bij een beleggingsonderneming aangehouden geblokkeerde rekening die wordt aangehouden ter uitvoering van transacties in financiële instrumenten (artikel 3.126a Wet inkomstenbelasting 2001). Er worden hierbij beleggingsdiensten verleend door de beleggingsonderneming. De lijfrentebeleggingsrekening is in de praktijk een geblokkeerde ‘administratierekening’ ten behoeve van het administreren van de gekochte financiële instrumenten. Een lijfrentebeleggingsrekening die wordt aangehouden bij een beleggingsonderneming is daarom geen financieel product in de zin van artikel 1:1 Wft, maar zoals hierboven aangegeven, onderdeel van de beleggingsdienstverlening van de beleggingsonderneming.

Hierdoor valt de lijfrentebeleggingsrekening niet onder de definitie van een derdepijlerpensioenproduct. Voor een lijfrentebeleggingsrekening hoeft dus geen Eid voor pensioenproducten te worden opgesteld.

Het is belangrijk om op te merken dat voor de informatieverstrekking ten aanzien van lijfrentebeleggingsrekeningen wel moet worden voldaan aan de vereisten die voortvloeien uit MiFID II.

Let op! De AFM ziet dat aanbieders van lijfrentebeleggingsrechten bij het administreren van deze producten gebruik maken van een administratierekening die soms ook een '(lijfrente)beleggingsrekening’ wordt genoemd. Dit type administratierekening is echter geen lijfrentebeleggingsrekening in de zin van artikel 3.126a Wet inkomstenbelasting 2001. Dat doet geen afbreuk aan het feit dat voor de lijfrentebeleggingsrechten het Eid voor pensioenproducten dient te worden opgesteld.

* In artikel 1 BGfo wordt een derdepijlerpensioenproduct gedefinieerd als ‘fiscaal gefaciliteerd financieel product met een beleggingscomponent, die niet voortkomt uit een arbeidsrechtelijke overeenkomst en waarop de Pensioenwet, de Wet Bpf 2000 en de Wet verplichte beroepspensioenregeling niet van toepassing zijn, met als doel het genereren van pensioeninkomen voor de consument.’



Naar alle veelgestelde vragen