Terug

Staat dienstverlening met betrekking tot beleggen in cryptovaluta onder toezicht in Nederland?

AFM en DNB constateren een toenemende interesse voor activiteiten met betrekking tot cryptocurrencies (cryptovaluta), zoals Bitcoin. Deze producten zijn, anders dan hun naam ‘cryptovaluta’ suggereert, geen valuta’s in de zin van ‘wettig betaalmiddel’ - geen geld dus. Evenmin zijn het financiële producten, zodat (het als tussenpersoon betrokken zijn bij) de aan- of verkoop van cryptovaluta’s, of het verrichten van diensten met betrekking tot het bewaren of beheren van tegoeden in cryptovaluta’s niet wordt gereguleerd onder de Wet op het financieel toezicht (Wft).

Niettemin kunnen dergelijke activiteiten de aanbieder ervan toch binnen de reikwijdte van de Wft brengen. Dit is bijvoorbeeld het geval als degene die in de uitoefening van diens bedrijf met betrekking tot de aan- of verkoop, de bewaring of het beheer van cryptovaluta aan het publiek (zijnde anderen dan professionele marktpartijen) de mogelijkheid biedt opvorderbare gelden (deposito’s of andere terugbetaalbare gelden) ter beschikking te geven.

Dit is bijvoorbeeld het geval als een klant zijn tegoed in cryptovaluta bij een dienstverlener met betrekking tot (aan- of verkoop, bewaring of beheer van) cryptovaluta’s kan omzetten in een bij die dienstverlener aan te houden tegoed in geld - opvorderbare gelden. Het is echter op grond van artikel 3:5 Wft een ieder, geen bank zijnde, verboden in Nederland in de uitoefening van een bedrijf van het publiek opvorderbare gelden aan te trekken, ter beschikking te verkrijgen of ter beschikking te hebben.

Een ander voorbeeld van toepasselijkheid van de Wft is als een instelling deelnemingsrechten wil aanbieden in een beleggingsinstelling die belegt in cryptovaluta. In dat geval is het verbod van artikel 2:65 Wft van toepassing, in casu het verbod om een Nederlandse beleggingsinstelling te beheren of rechten van deelneming in een Nederlandse beleggingsinstelling aan te bieden, zonder dat de beheerder een door de AFM verleende vergunning heeft, of, als het een beleggingsmaatschappij betreft die geen aparte beheerder heeft, zonder dat de beleggingsmaatschappij een door de AFM verleende vergunning heeft.



Naar alle veelgestelde vragen