Terug

Informatieverstrekking bij verzekeringen

Informatieverstrekking helpt de consument bij het vaststellen van de risico’s die aan een product verbonden zijn en bij het beantwoorden van de vraag of het product en/of de dienst in zijn behoeften voorziet. Daarnaast bevordert informatieverstrekking ook een transparante markt waarin producten beter met elkaar vergeleken kunnen worden.

De regelgeving waar de AFM toezicht op houdt, is erop gericht de consument in staat te stellen een weloverwogen oordeel te kunnen vormen over het product en/of de dienst. Een consument heeft alle relevante informatie nodig om te kunnen beoordelen of een financieel product geschikt is voor hem of haar.

Verplichte informatie bij schadeverzekeringen

U bent als financiële onderneming verplicht informatie te geven voor het afsluiten van de overeenkomst. Er zijn een aantal voorschriften voor de informatie die verplicht verstrekt moet worden.

Afhankelijk van het type verzekering zijn er aanvullende informatieverplichtingen. Let u op het volgende:

  • Als levensverzekeraar heeft u veel aanvullende informatieverplichtingen. Hierbij gaat het onder andere over informatie over de premie en de hoogte van de uitkering waartoe de verzekeraar zich heeft verplicht. Zie de aanvullende informatievereisten uit artikel 60 BGfo.
  • Een schadeverzekeraar moet onder andere informatie verstrekken over de rechtsvorm en de naam en het adres van de schade-afhandelaar. Zie artikel 61 en 62 BGfo.

Voorschriften voor financiële dienstverleners

Naast de aanvullende informatieverplichtingen moet u ook rekening houden met informatieverplichtingen voor financiële dienstverleners. Een financiële dienstverlener is verplicht de consument voor het sluiten van de overeenkomst te voorzien van informatie die relevant is voor een juiste beoordeling van het product (artikel 4:20 Wft). Daarmee stelt u de consument in de gelegenheid de producten te begrijpen om dan tot een goede keuze te kunnen komen.

Financiële dienstverleners zijn: aanbieders of adviseurs ten aanzien van een financieel product (anders dan een financieel instrument), (herverzekerings-)bemiddelaars of (onder)gevolmachtigde agenten.

  • U bent verplicht de consument vóór de totstandkoming van een overeenkomst van een financiële dienst of financieel product informatie te geven. Zoals het verstrekken van algemene informatie, de naam en het adres van bijvoorbeeld de aanbieder of de adviseur en de aard van de financiële dienstverlener (artikel 57 BGfo).
  • Als u een overeenkomst op afstand sluit (bijvoorbeeld via het internet) met een consument, heeft u aanvullende informatieverplichtingen (artikel 77 t/m 80 BGfo).

Houdt er ook rekening mee dat deze informatie in het Nederlands en schriftelijk moet zijn (artikel 49 BGfo).

Na het afsluiten

Het kan voorkomen dat u tijdens de looptijd van het product informatie aan de cliënt moet verstrekken. Het gaat onder andere om de volgende situaties:

  • een gevolmachtigde agent of ondergevolmachtigde agent die voor rekening van een verzekeraar een verzekering heeft gesloten.
  • een consument moet geïnformeerd worden over de verzekeraar en in geval van co-assurantie, het aandeel dat hij namens de verzekeraar heeft geaccepteerd; zie artikel 72 BGfo.
  • een levensverzekeraar
    bijvoorbeeld: een consument moet geïnformeerd worden over iedere wijziging van de polisvoorwaarden. Zie artikel 73 BGfo.
  • een schadeverzekeraar
    bijvoorbeeld: een aanvullende eis geldt voor de schadeverzekeraar met een zetel in het buitenland die in de branche Aansprakelijkheid Motorrijtuigen actief is; zie artikel 75 BGfo.

Verplichte informatie bij natura uitvaartverzekeringen

U bent als financiële onderneming verplicht informatie te geven voor het afsluiten van de overeenkomst. Er is een aantal voorschriften voor de informatie die verplicht verstrekt moet worden.

Afhankelijk van het type verzekering zijn er aanvullende informatieverplichtingen.

  • Als levensverzekeraar heeft u veel aanvullende informatieverplichtingen. Hierbij gaat het onder andere over informatie over de premie en de hoogte van de uitkering waartoe de verzekeraar zich heeft verplicht. Zie de aanvullende informatievereisten uit artikel 60 BGfo.
  • De natura-uitvaartverzekeraar dient onder andere een omschrijving van de prestatie waartoe de verzekeraar verplicht is te geven. Zie artikel 63 BGfo.

Het kan voorkomen dat u tijdens de looptijd van het product informatie aan de cliënt moet verstrekken. Het gaat onder meer om de volgende situaties:

  • een gevolmachtigde agent of ondergevolmachtigde agent die voor rekening van een verzekeraar een verzekering heeft gesloten
  • een consument moet geïnformeerd worden over de verzekeraar en in geval van co-assurantie, het aandeel dat hij namens de verzekeraar heeft geaccepteerd (zie artikel 72 BGfo)
  • een levensverzekeraar
  • bijvoorbeeld: een consument moet geïnformeerd worden over iedere wijziging van de polisvoorwaarden (zie artikel 73 BGfo)
  • een natura-uitvaartverzekeraar
  • bijvoorbeeld: een consument moet geïnformeerd worden over iedere wijziging in de polis voorwaarden (zie artikel 74 BGfo).

Verplichte informatie bij kapitaalverzekeringen

Verschillende producten zijn aangewezen als een complex product. Deze producten hebben naast de specifieke vereisten die gelden voor alle complexe producten, ook eigen vereisten met betrekking tot informatieverstrekking. Een voorbeeld hiervan zijn levensverzekeringen. In artikel 60 BGfo staan specifieke vereisten waaraan een aanbieder van levensverzekeringen moet voldoen.

Met deze specifieke vereisten dient u rekening te houden bij het opstellen van uw informatie, maar worden verder niet behandeld in dit onderdeel op de website. Hier vindt u slechts informatie voor complexe producten in het algemeen.

Verplichte informatie voor en na het sluiten van de overeenkomst

Een aanbieder van een complex product zorgt ervoor dat een financiële bijsluiter van dat product op zijn website beschikbaar is (zie artikel 65 BGfo).

Doel van de financiële bijsluiter:

  • Inzicht bieden in een complex product. De financiële bijsluiter stelt de consument in staat om in een vroeg stadium van het aankoopproces te beschikken over cruciale informatie over risico, kosten en rendementen.

  • Bevorderen van de vergelijkbaarheid van complexe producten. Om dit mogelijk te maken is ervoor gekozen om de financiële bijsluiter op te stellen aan de hand van een ‘maatmens’. Dit betekent dat de risico-indicator wordt opgesteld aan de hand van een aantal voorgeschreven uitgangspunten en niet wordt toegespitst op het profiel van een individuele consument.

Wanneer u als tussenpersoon bemiddelt in een complex product verstrekt u op verzoek van de consument de financiële bijsluiter, tenzij u dit anders hebt afgesproken met de aanbieder.

In artikel 66 BGfo wordt beschreven over welke onderwerpen u informatie moet opnemen in de financiële bijsluiter. De wijze waarop u de informatie opneemt en de wijze waarop u de rendementen, kosten en risico’s berekent wordt in detail uitgewerkt in de Nrgfo.

In de Nrgfo worden de vereisten waaraan de financiële bijsluiter moet voldoen nader uitgewerkt. Hierbij wordt het volgende onderscheid gemaakt:

  • Complexe producten die geen rechten van deelneming in een beleggingsinstelling worden verder uitgewerkt in de artikelen 3:1 t/m 3:10 Nrgfo. Hierbij kunt u denken aan spaarhypotheken, lijfrenteverzekeringen, beleggingverzekeringen en bankspaarproducten.

  • Rechten van deelneming in een beleggingsinstelling worden verder uitgewerkt in de artikelen 3:11 t/m 3:28 Nrgfo.

De genoemde onderwerpen dient u beknopt en begrijpelijk weer te geven. Indien deze informatie wordt vermengd met andere informatie, dan doet dit afbreuk aan de inzichtelijkheid en de vergelijkbaarheid van de informatie die u moet opnemen. Daarom is in artikel 66, derde lid, BGfo een verbod ogenomen om informatie over andere onderwerpen - dan voorgeschreven in het eerste en tweede lid - op te nemen.

Verplichte informatie bij overlijdensrisicoverzekeringen

U bent als financiële onderneming verplicht informatie te geven voor het afsluiten van de overeenkomst. Er zijn een aantal voorschriften voor de informatie die verplicht verstrekt moet worden.

Afhankelijk van het type verzekering zijn er aanvullende informatieverplichtingen. Als levensverzekeraar heeft u veel aanvullende informatieverplichtingen. Hierbij gaat het onder andere over informatie over de premie en de hoogte van de uitkering waartoe de verzekeraar zich heeft verplicht. Zie de aanvullende informatievereisten uit artikel 60 BGfo.

Naast de aanvullende informatieverplichtingen moet u ook rekening houden met informatieverplichtingen voor financiële dienstverleners. Een financiële dienstverlener is verplicht de consument voor het sluiten van de overeenkomst te voorzien van informatie die relevant is voor een juiste beoordeling van het product (artikel 4:20 Wft). Daarmee stelt u de consument in de gelegenheid de producten te begrijpen om dan tot een goede keuze te kunnen komen.

Financiële dienstverleners zijn: aanbieders of adviseurs ten aanzien van een financieel product (anders dan een financieel instrument), (herverzekerings-)bemiddelaars of (onder)gevolmachtigde agenten.

Reclame en andere onverplichte informatie

U kunt reclame maken via allerlei media, bijvoorbeeld televisie, radio of internet. Als u reclame wilt maken, moet u zich houden aan de volgende regels:

  • Uw reclame moet de informatie ondersteunen die u verplicht moet geven en mag niet misleidend, onduidelijk of onjuist zijn.
  • Het moet duidelijk zijn dat de informatie commercieel bedoeld is, dus gericht op het verkopen van verzekeringen.

Zie artikel 4:19 lid 1 en 3 Wft.

Andere onverplichte informatie

Als u andere onverplichte informatie wilt geven, bijvoorbeeld een offerte, moet u zich houden aan de dezelfde regels als voor reclames:

  • Uw informatie moet de informatie ondersteunen die u verplicht moet geven en mag niet misleidend, onduidelijk of onjuist zijn. 
  • Het moet duidelijk zijn dat de informatie commercieel bedoeld is, dus gericht op het verkopen van verzekeringen.

Zie artikel 4:19 lid 1 en 3 Wft.

Lijfrenteproduct

Lijfrenteproducten zijn aangewezen als complexe producten. Hierdoor zijn op lijfrenteproducten dan ook de regels met betrekking tot pre-contractuele informatieverstrekking van toepassing die gelden voor complexe producten. Ook moet u de consument voorzien van informatie gedurende de looptijd van een lijfrente. De minimale vereisten voor informatieverstrekking leest u hier. 

Lijfrenteverzekeringen

Gedurende de looptijd van een lijfrenteverzekering moet de deelnemer in ieder geval geïnformeerd worden bij elke wijziging in/van de polisvoorwaarden.

Als de uitkering wordt uitgedrukt in rechten van deelneming in een beleggingsinstelling moeten ook minimaal de onderstaande gegevens op jaarbasis verstrekt worden:

  • een opgave met daarin de waarde-ontwikkeling van het opgebouwde kapitaal
  • de door de cliënt betaalde premies
  • de met de cliënt verrekende kosten
  • het behaalde rendement over het opgebouwde kapitaal
    een prognose van het eindkapitaal
  • het gevoerde beheer van de beleggingsinstelling.

Bancaire lijfrente

Gedurende de looptijd van een Bancaire lijfrente moet in elk geval informatie verstrekt worden over:

  • elke wezenlijke wijzigingen in de informatie die redelijkerwijs relevant is voor een adequate beoordeling van het product en
  • informatie over de actuele waarde van het product waar die waarde afhankelijk is van schommelingen op de financiële markten waar de onderneming geen vat op heeft. 

Meer informatie

  • Artikel 7:975 BW
  • Artikel 4:20 Lid 3 Wft
  • Artikel 73 BGfo Wft

Complexe producten

Met de term complex product wordt een groep van financiële producten aangeduid waarvan informatie gestandaardiseerd wordt aangeboden. Dit komt tegemoet aan de doelstelling van informatieverstrekking om inzicht te bieden in de wezenlijke kenmerken van het product en biedt de mogelijkheid tot vergelijking van de informatie over verschillende (soortgelijke) producten. De wetgever heeft verschillende producten aangewezen als complexe producten en zij heeft de mogelijkheid gelaten om in de toekomst nog andere producten als complex aan te wijzen.

Op dit moment zijn deze producten aangewezen als complex:

  • Producten die zijn opgebouwd uit minstens twee verschillende financiële producten (als bedoeld in artikel 1:1 Wft). Ten minste één van de producten is voor de waardeopbouw afhankelijk van de ontwikkelingen op de financiële markt of andere markten. Denk hierbij aan bijvoorbeeld beleggingsverzekeringen.
  • Een bankspaarproduct. Dit kan een beleggingsrecht eigen woning (BEW), een spaarrekening eigen woning (SEW), een lijfrente beleggingsrecht (lbr) of een lijfrente spraarrekening (lsr) zijn.
  • Rechten van deelneming in een beleggingsinstelling. Bijvoorbeeld beleggingsfondsen.
  • Levensverzekeringen. Denk hierbij aan lijfrenteverzekeringen. Niet complex zijn de traditionele overlijdensrisicoverzekering of natura- uitvaartverzekering.
  • Combinatie van een hypothecair krediet en een levensverzekering of een spaarrekening. Een voorbeeld hiervan is de spaarhypotheek.
  • Beleggingsobjecten

Informatieverstrekking

Adequate informatieverstrekking is een voorwaarde voor zorgvuldige dienstverlening. Uit de wet vloeit voort dat u de belegger zo dient te informeren, dat deze een goede afweging kan maken omtrent de aanschaf van het financiële product. Er kunnen voorschriften zijn voor informatie die vooraf aan de overeenkomst wordt gegeven, bijvoorbeeld voor reclames. Na de aanschaf van het product is het in sommige gevallen verplicht informatie te verstrekken.

Vermelden van kosten in informatie over complex product

Op basis van artikel 52, lid 5, Besluit gedragstoezicht financiële ondernemingen (BGfo) moet een financiële onderneming die voorafgaand aan de totstandkoming van een overeenkomst inzake een complex product, anders dan in een reclame-uiting via de televisie of de radio, informatie verstrekt over een historisch of toekomstig rendement, daarbij informatie over de belangrijkste kosten en de belangrijkste financiële risico’s van dat product verstrekken.

Dit betekent dat als in een reclame-uiting of andere informatie over een complex product informatie wordt gegeven over een historisch of toekomstig rendement, daar ook de belangrijkste kosten en de belangrijkste financiële risico’s genoemd moeten worden.

Het is daarbij van belang dat de kosten die de financiële onderneming als belangrijkste kosten aanmerkt, en de risico’s in de nabijheid van het rendement worden getoond en dat de hoogte van de kosten wordt vermeld.

Hiermee wordt het doel bereikt dat consumenten het genoemde rendement op waarde kunnen schatten. Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat een verwijzing naar kosten zoals genoemd in de Financiële Bijsluiter niet afdoende is.

Informatie delen

Delen via: deel
Alle onderwerpen