Terug

Vergunningen en regels Voor Adviseurs & bemiddelaars

De AFM behandelt vergunningaanvragen en vrijstellingen en ziet toe dat onder andere de Wet op het financieel toezicht (Wft) en het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen (BGfo) worden nageleefd. Hierbij letten we erop dat het belang van de klant centraal staat en de financiële dienstverlening passend is.

Bemiddelen in financiële producten

De wettelijke definitie van bemiddelen is ruim. Alle werkzaamheden die zijn gericht op het als tussenpersoon tot stand brengen van de aankoop van een financieel product door een klant, gelden als bemiddelen. 

Dit is al het geval als een onderneming meer dan contactgegevens van zijn klant aan een aanbieder van of aan een bemiddelaar in financiële producten verstrekt. Het maakt daarbij niet uit of de onderneming voor haar diensten wordt betaald door de klant, of door diegene aan wie zij de gegevens verstrekt.

Voorbeelden van bemiddelen

  • Een bemiddelaar die voor zijn klant offerteaanvragen doet voor een hypotheek bij een bank.
  • Een bemiddelaar die contractonderhandelingen voert voor een pensioenverzekering van een werkgever met een verzekeraar.
  • Een bemiddelaar die bij de aankoop van een auto een krediet van een bepaalde kredietaanbieder aanbiedt.
  • Een exporteur die de gegevens van haar klant en de producten die deze exporteert doorgeeft aan een verzekeraar.

Adviseren over financiële producten

Volgens de wet is sprake van adviseren wanneer een onderneming een aanbeveling doet voor een specifiek financieel product van een bepaalde aanbieder aan een bepaalde klant. Het adviseren over financiële producten is alleen toegestaan met een vergunning van de AFM.

Voorbeelden van adviseren

  • Een adviseur die na de beoordeling van offertes zijn klant de meest gunstige pensioenverzekering van een bepaalde verzekeraar aanbeveelt.
  • Een adviseur die na de inventarisatie van het klantprofiel een drietal hypotheekoffertes bij banken aanvraagt en zijn klanten bijstaat bij het maken van de juiste keuze.

 

Een passend dienstverleningsproces

Een dienstverleningstraject hoort te voldoen aan de wettelijke eisen en kan worden opgedeeld in vier fases: Kennismaking, beeldvorming, oplossing en nazorg.

Het dienstverleningsproces is een dynamisch proces waarbij vooral inventariseren en analyseren nauw verbonden zijn en elkaar tijdens het proces kunnen afwisselen. Zo kan het voorkomen dat u nieuwe informatie van uw klant krijgt die tot een aanpassing van uw analyse kan leiden.

Vaak is het zo dat er voor de situatie van een klant verschillende oplossingen mogelijk zijn bij de keuze voor een financieel product. Het is belangrijk dat de gekozen oplossing past bij de klant. De AFM let er op dat adviseurs passende adviezen geven.

Kennismaking

Voor zowel de adviseur als de consument is het van belang om tijdens deze fase erachter te komen of de adviseur wat voor de consument kan betekenen. In deze fase inventariseert u op hoofdlijnen de doelstellingen, risicobereidheid, kennis, ervaring en financiële positie van uw klant.

Op basis daarvan informeert u de consument ook over de inhoud van zijn dienstverlening (adviseren, bemiddelen en nazorg), de kosten van deze werkzaamheden en de wijze waarop deze worden gefinancierd.

Meer informatie over informatieverstrekking

Beeldvorming

In de inventarisatiefase wint u informatie in bij de klant over zijn kennis en ervaring, zijn financiële positie, zijn doelstellingen en zijn risicobereidheid. Qua diepgang doet u dit voor zover relevant voor het op te stellen advies. Dit wordt ook wel het klantprofiel genoemd.

Hierbij moet u aandacht besteden aan de controle op juistheid en volledigheid van de verkregen gegevens. Wij verwachten van u ook dat u uw klant in deze fase in algemene zin informeert over de voor hem mogelijk relevante financiële producten.

In de analysefase vertaalt de adviseur het klantprofiel naar mogelijkheden voor het afsluiten van een financieel product. Het is van belang om de ingewonnen informatie vast te leggen.

Oplossing (advies)

In de fase van advies geeft de adviseur aan wat op basis van alle verzamelde informatie naar zijn oordeel een financieel product is dat goed aansluit bij de situatie van de klant en zijn wensen. Het is van belang om dit advies goed vast te leggen. Wanneer de klant afwijkt van uw advies, leg dan vast waarom dit zo is.

Nazorg

Nadat een financieel product is afgesloten ondersteunt de adviseur zijn klant tijdens de looptijd van het financieel product.

Meer informatie over nazorg 

Voorbeelden: dienstverleningsfases toegepast

In een aantal leidraden worden de vier dienstverleningsfases uitgelegd. Daarbij wordt een aantal producten/productgroepen als specifiek voorbeeld genomen. U kunt deze leidraden voor alle producten/productgroepen gebruiken.

Leidraden voor advisering

Vrijstellingen van de vergunningplicht

Er is een aantal vrijstellingen voor de vergunningplicht voor adviseren. U heeft geen vergunning nodig voor het adviseren over financiële producten als u voldoet aan een aantal voorwaarden. Adviseren zonder vergunning kan alleen als aan alle voorwaarden voor vrijstelling is voldaan.

  1. De adviseur heeft een andere hoofdberoepswerkzaamheid dan het verlenen van financiële diensten.
  2. Vanwege de hoofdberoepswerkzaamheid heeft de adviseur inzicht in de financiële situatie van zijn klant.
  3. De adviezen over financiële producten liggen in het verlengde van de hoofdberoepswerkzaamheid.
  4. De adviseur ontvangt voor de verleende adviezen geen betalingen van de aanbieder.
  5. De adviezen mogen slechts marginaal onderdeel uitmaken van de totale werkzaamheden.
  6. De adviseur bemiddelt niet in het product waarover hij adviseert

Vergunning

Wilt u aan de slag als adviseur en/of bemiddelaar? Dan heeft u een vergunning nodig. Twijfelt u of een vergunning nodig heeft? Neem dan contact op met het Ondernemersloket van de AFM.

Informatie delen

Delen via: deel
Alle onderwerpen voor Adviseurs & bemiddelaars