Terug

AFM legt boete op aan ABN AMRO voor onvoldoende bijhouden van gegevens door Fortis over dienstverlening aan Vestia

Maatregel Dit bericht is ouder dan 3 jaar. De inhoud kan hierdoor niet meer actueel zijn.

Boete wordt opgelegd

De Autoriteit Financiële Markten (AFM) heeft op 28 augustus 2014 een bestuurlijke boete van €3 miljoen opgelegd aan ABN AMRO Bank N.V. (ABN AMRO). Medio 2010 is Fortis Bank (Nederland) N.V. (Fortis) opgegaan in ABN AMRO. Fortis heeft aan de woningcorporatie Vestia diensten verleend met betrekking tot het afsluiten van transacties inzake rentederivaten. Over die dienstverlening zijn onvoldoende gegevens bijgehouden om toezicht door de AFM mogelijk te maken. Daarmee heeft ABN AMRO – als rechtsopvolger van Fortis – artikel 35, eerste lid, van het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen (BGfo) overtreden.

Stand van zaken

Boete opgelegd

Bezwaar

Beroep

Hoger beroep

Ingesteld

Beslissing genomen

Ingesteld

Uitspraak gedaan

Ingesteld

Uitspraak gedaan

28 augustus 2014 (1)

  

 

 

 

 

(1) Het besluit van de AFM is inmiddels definitief geworden.
 

Nadat de woningcorporatie Vestia eind 2011 ernstig in de problemen was gekomen door haar portefeuille van rentederivaten, heeft de AFM onderzoek gedaan naar banken en bemiddelaars die een rol speelden bij de totstandkoming van derivatentransacties met Vestia, waaronder Fortis. Het bleek dat Fortis in de loop der jaren een groot aantal derivatentransacties met Vestia was aangegaan. De beleggingsportefeuille van Vestia bedroeg op een gegeven moment €1,97 miljard. De AFM heeft bij ABN AMRO gegevens opgevraagd om te kunnen vaststellen welke werkzaamheden Fortis in relatie tot Vestia had uitgevoerd en in hoeverre zij daarbij de toepasselijke wet- en regelgeving had nageleefd. ABN AMRO bleek weinig gegevens beschikbaar te hebben over de door Fortis verrichte transacties, mede doordat de telefoongesprekken tussen de accountmanager van Fortis en Vestia niet werden opgenomen. Wel werd duidelijk dat Fortis niet alleen voor eigen rekening met Vestia als contractuele wederpartij had gehandeld (verrichten van beleggingsactiviteiten), maar ook beleggingsdiensten aan Vestia als cliënt had verleend.

Bij zowel het verlenen van beleggingsdiensten als het verrichten van het beleggingsactiviteiten moeten voldoende gegevens worden bijgehouden om toezicht door de AFM mogelijk te maken. Daartoe is het allereerst noodzakelijk dat uit de gegevens kan worden afgeleid wat per transactie de exacte aard van de werkzaamheden is geweest. Als beleggingsdiensten worden verleend rust er een groot aantal zorgplichten op de beleggingsonderneming. Bij het verrichten van beleggingsactiviteiten is de zorgplicht een stuk beperkter. Zeker bij banken, waar doorgaans verschillende diensten en activiteiten onder één dak plaatsvinden, is het aan deze entiteiten om onduidelijkheid over de aard van de verrichte werkzaamheden te voorkomen. ABN AMRO bleek niet in staat om de AFM duidelijkheid te geven over de diensten die Fortis per transactie aan Vestia had verleend. Daardoor is het voor de AFM niet mogelijk om te beoordelen in hoeverre Fortis bij haar dienstverlening aan Vestia de toepasselijke wet- en regelgeving heeft nageleefd.

De boete heeft betrekking op het niet bijhouden van voldoende gegevens door Fortis in de periode van 3 september 2009 tot en met 17 maart 2010. Bij de beslissing om ABN AMRO als rechtsopvolger van Fortis voor deze overtreding te beboeten heeft de AFM meegewogen dat ABN AMRO de e-mailbox van de belangrijkste contactpersoon binnen Fortis voor Vestia niet heeft bewaard.

Op deze overtreding staat een boete met een basisbedrag van €2 miljoen. Het basisbedrag kan worden verhoogd of verlaagd als de ernst en/of duur van de overtreding of de mate van verwijtbaarheid daartoe aanleiding geven. In dit geval ziet de AFM aanleiding om het basisbedrag te verhogen met 25% op grond van de ernst van de overtreding en met 25% op grond van de verwijtbaarheid. Hierbij speelt mee dat er voor hoge bedragen rentederivaten zijn afgesloten, die grotendeels waren gefinancierd met publieke gelden, en dat Fortis door haar bedrijfsinrichting het risico op overtredingen als deze kennelijk op de koop had toegenomen.

Het in het besluit vervatte oordeel van de AFM kan door belanghebbende(n) ter toetsing aan de rechter worden voorgelegd. Het volledige besluit kunt u hiernaast in PDF-formaat downloaden. Bij vragen of klachten kunt u contact opnemen met het Meldpunt Financiële Markten van de AFM: 0800- 5400 540 (gratis).

De AFM maakt zich sterk voor eerlijke en transparante financiële markten.

Als onafhankelijke gedragstoezichthouder dragen wij bij aan duurzaam financieel welzijn in Nederland.

Informatie delen

Delen via: deel