Terug

Onderzoeken AFM wijzen op noodzaak fundamentele verbeteringen accountantscontrole

Rapport Dit bericht is ouder dan 3 jaar. De inhoud kan hierdoor niet meer actueel zijn.

rapport

De kwaliteit van de accountantscontrole moet fundamenteel beter. Dit volgt uit het onderzoek dat de AFM heeft gedaan naar de kwaliteit van accountantscontroles en de kwaliteitsbewaking binnen de grootste vier accountantskantoren in Nederland, Deloitte, Ernst&Young, KPMG en PricewaterhouseCoopers (Big 4-kantoren). Uit deze onderzoeken blijkt dat de controles door meerdere Big 4-kantoren in verschillende sectoren tekort zijn geschoten.

In december 2009 concludeerde de AFM al dat bij de controles in de financiële sector verbeteringen nodig zijn. Nu blijkt dat de kwaliteit van de werkzaamheden van accountants in de sectoren bouw/vastgoed, automotive en de publieke sector ook moet worden verbeterd. De conclusie van de AFM is dat er een fundamentele gedragsverandering nodig is om de kwaliteit van de accountantscontrole te verbeteren.
Meerdere Big 4-kantoren zullen een uitgebreide interne analyse moeten maken naar de oorzaken van de geconstateerde tekortkomingen en op basis van de uitkomsten passende maatregelen moeten nemen.

Onderzoeken

De AFM voerde in 2009 en 2010 reguliere onderzoeken uit naar de controle van de jaarrekeningen over 2008 van ondernemingen en instellingen uit sectoren die in het bijzonder zijn geraakt door de crisis, zoals de financiële sector en de sectoren bouw/vastgoed en automotive. Het betrof onderzoeken bij de Big 4-kantoren die samen een marktaandeel van circa 80 procent van de totale omzet wettelijke controles in Nederland hebben.

De AFM richtte haar reguliere onderzoeken mede op de kwaliteitsbewaking binnen de Big 4-kantoren, zoals de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling, de interne review en de compliance functie. De interne kwaliteitsbewaking is erop gericht om de kwaliteit van de accountantscontroles te waarborgen, zowel vóórdat de accountantsverklaring wordt afgegeven als daarna. Naast de reguliere onderzoeken heeft de AFM een aantal incidenten onderzocht.

De AFM constateert dat in vergelijking met eerdere onderzoeken de kwaliteit van de accountantscontrole hoger op de agenda van de Big 4-kantoren staat. De bewustwording is beduidend verbeterd en de bereidheid is toegenomen om maatregelen te nemen om de kwaliteit te verbeteren. Mede als gevolg van het toezicht van de AFM zijn op deze punten vorderingen gemaakt.

Tegelijkertijd blijkt uit het onderzoek van de AFM dat de kwaliteit van de accountantscontrole bij meerdere Big 4-kantoren structureel tekortschiet. Niet alleen in de financiële sector, maar ook in de sectoren bouw/vastgoed, automotive en de publieke sector (gemeenten en woningcorporaties). De AFM publiceerde in december 2009 de uitkomsten van haar eerdere kredietcrisisonderzoek waaruit bleek dat de kwaliteit van de controle in de financiële sector beter moet. Uit de recente onderzoeken blijkt dat de tekortkomingen in de kwaliteit zich breder en systematischer voordoen.

Belangrijkste conclusies

De belangrijkste tekortkomingen die zich bij meerdere Big-4 kantoren voordoen zijn:

- De externe accountants hebben een onvoldoende professioneel-kritische instelling bij de uitvoering van accountantscontroles. Als de accountantscontrole onvoldoende kritisch wordt uitgevoerd bestaat de kans dat fouten in de jaarrekening niet worden ontdekt en de goedkeurende accountantsverklaring onterecht wordt afgegeven. Door deze onzekerheden in de controle is het onvoldoende zeker dat de jaarrekening geen materiële fouten bevat.

- De externe accountants passen in te veel controles de normen voor het uitvoeren van accountantscontroles niet of in onvoldoende mate toe. De AFM heeft relevante bevindingen geconstateerd in 29 van de 46 accountantscontroles die zij heeft onderzocht in het kader van de reguliere onderzoeken. De belangrijkste bevindingen betreffen het ontbreken van toereikende controle-informatie onder andere door:

  • het uitvoeren van onvoldoende werkzaamheden ten aanzien van het bestaan en de waardering van financiële activa, onderhanden werk, de balanspost auto’s en de balanspost onroerend goed;
  • het uitvoeren van onvoldoende werkzaamheden ten aanzien van de beoordeling of sprake is van aanwijzingen die duiden op fraude of andere overtredingen van wet- en regelgeving;
  • een onvoldoende uitvoering van vereiste werkzaamheden wanneer wordt gesteund op werkzaamheden die zijn uitgevoerd door een andere accountant, interne accountantsdienst of deskundige;
  • het uitvoeren van onvoldoende werkzaamheden ten aanzien van de beoordeling of de door de cliënt veronderstelde continuïteit van de bedrijfsactiviteiten aanvaardbaar is;
  • het uitvoeren van onvoldoende werkzaamheden ten aanzien van de volledigheid van de omzet.

- De kwaliteitsbewaking schiet bij meerdere Big-4 kantoren op onderdelen tekort waardoor in onvoldoende mate wordt gewaarborgd dat de af te geven of afgegeven accountantsverklaringen juist zijn en voldoende zijn onderbouwd.

- De accountantsorganisaties accepteren in meerdere gevallen binnen hun eigen organisatie een te lage kwaliteit van de accountantscontrole en treden in onvoldoende mate op tegen schendingen van de regels door hun medewerkers. Hiermee geven de accountantsorganisaties een onvoldoende invulling aan hun zorgplicht voor de kwaliteit van de accountantscontroles.

- Onvoldoende betrokkenheid van en aansturing door de externe accountant bij de uitvoering van de controle door het team.

De mate waarin deze tekortkomingen zich voordoen verschilt zowel per Big-4 kantoor als per onderzochte accountantscontrole. Er bestaan dus kwaliteitsverschillen tussen de onderzochte kantoren.

Bij meerdere Big 4-kantoren is de ‘tone-at-the-top’ voor verbetering vatbaar als het gaat om kwaliteitsgericht denken en handelen. De leidinggevenden binnen de accountantsorganisatie, zoals de (mede)beleidsbepalers en de externe accountants die een controleteam aansturen, hebben een belangrijke voorbeeldfunctie. Zij zullen het voortouw moeten nemen om de benodigde gedragsverandering binnen de accountantsorganisaties tot stand te brengen. In dit kader wijst de AFM erop dat ook de Raden van Commissarissen en auditcommissies van controlecliënten een positieve prikkel tot verbetering van de kwaliteit kunnen geven. Zij kunnen aandacht vragen voor de kwaliteit van de accountantscontrole door bijvoorbeeld bij de eigen accountant de onderzoeksbevindingen van de AFM op te vragen dan wel het gesprek daarover aan te gaan. Vanwege haar geheimhoudingsplicht mag de AFM haar bevindingen niet delen met controlecliënten.

Inmiddels hebben meerdere Big-4 kantoren naar aanleiding van de conceptonderzoeksrapporten van de AFM maatregelen getroffen of aangekondigd deze te zullen treffen. De AFM zal monitoren of de te nemen maatregelen ook daadwerkelijk worden geïmplementeerd.

De AFM is voornemens om formele handhavingsmaatregelen te nemen tegen een of meer Big 4-kantoren. Formele handhavingsmaatregelen kunnen onder meer zijn een aanwijzing, last onder dwangsom of een bestuurlijke boete. Aan het opleggen van een formele handhavingsmaatregel is enige doorlooptijd verbonden. Ook geven de genoemde bevindingen aanleiding tot het indienen van een of meer tuchtklachten bij de Accountantskamer jegens een of meer externe accountants die werkzaam zijn bij dan wel werkzaam zijn geweest bij een of meer van de onderzochte Big 4-kantoren.

De AFM zal ook in de tweede helft van 2010 en in 2011 onderzoek verrichten bij de Big 4-kantoren waarbij de focus zal liggen op financiële prikkels in relatie tot de kwaliteit van de accountantscontrole. Daarbij zal de AFM zich in het bijzonder richten op de naleving van de onafhankelijkheidsregels en het beoordelings-, belonings-, benoemings- en sanctiebeleid binnen de kantoren. De AFM verwacht over dit onderzoek in 2011 te rapporteren.

De AFM maakt zich sterk voor eerlijke en transparante financiële markten.

Als onafhankelijke gedragstoezichthouder dragen wij bij aan duurzaam financieel welzijn in Nederland.

Informatie delen

Delen via: deel