Terug

Welke contracten om platformen van liquiditeit te voorzien ('LP schemes') voldoen aan de criteria om transacties niet mee te laten tellen voor de berekening van nevenactiviteit?

Onder de 5e paragraaf van artikel 2(4) van MiFID II tellen bepaalde transacties niet mee voor de berekening van de zogeheten“ancillary activity exemption”. Het betreft onder andere “transacties in grondstoffenderivaten en emissierechten die zijn aangegaan om te voldoen aan de verplichting om een handelsplatform van liquiditeit te voorzien, indien deze verplichtingen zijn opgelegd … door handelsplatforms.”

Eisen aan market makers

Allereerst dient te worden opgemerkt dat deze verplichting om een handelsplatform van liquiditeit te voorzien niet op hetzelfde neerkomt als de activiteiten van ‘market makers’ onder MiFID (gedefinieerd in art. 4(1)(7)). De definitie van market makers is beperkter en rept niet van verplichtingen. Market makers kunnen alleen van deze uitzondering gebruik maken voor zover ze onderworpen zijn aan aanvullende eisen. De bereidheid om transacties aan te gaan is niet voldoende; op een liquiditeitsprovider moet een daadwerkelijke verplichting rusten om transacties aan te gaan.

Deze verplichting moet van tevoren door het platform zijn vastgelegd en moet onderhevig zijn aan handhaafbare afspraken tussen het platform en de liquidity provider. Het programma moet transparant zijn voor andere marktdeelnemers en op niet-discriminerende wijze toegankelijk zijn. De verplichtingen moeten bijvoorbeeld quote verplichtingen zijn met daaraan gekoppeld additionele eisen die betrekking kunnen hebben op een maximale bid-ask spread, minimale volumes, minimale duratie, maximale reactietijd of een minimale verplichte aanwezigheid in de markt.

De uitzondering voor dit soort transacties geldt alleen de onder een liquiditeitsprogramma aangegane transacties; niet de liquiditeitsprovider als persoon. De AFM gaat ervan uit dat de door relevante Nederlandse platformen gehanteerde programma’s voldoen aan deze voorwaarden.

Guidance ESMA

De AFM verwacht dat ESMA binnenkort nadere guidance zal geven over dit onderwerp. De verwachting is dat deze inhoudelijk overeen zal komen met het hier gegeven antwoord. Voor zover dat niet het geval is, zal de AFM haar antwoord opnieuw overwegen.



Naar alle veelgestelde vragen