Terug

Wat zijn de (belangrijkste) vergunningeisen?

Hieronder volgen de belangrijkste vergunningseisen voor een beleggingsonderneming. Deze vereisten zijn in deel 4 (Gedragstoezicht Financiële Ondernemingen) van de Wft neergelegd.

Geschiktheid (artikel 4:9 Wft)
Het dagelijks beleid van een beheerder, beleggingsmaatschappij, beleggingsonderneming, bewaarder of financiëledienstverlener dient te worden bepaald door personen die geschikt zijn in verband met de uitoefening van het bedrijf van de financiële onderneming. Voor personen die het dagelijks beleid van een beheerder, beleggingsmaatschappij, beleggingsonderneming en bewaarder bepalen is de geschiktheid uitgewerkt in de Beleidsregel Deskundigheid dagelijks beleidsbepalers artikel 4:9 Wft en 5:29 Wft.    

Betrouwbaarheid (artikel 4:10 Wft)
Het beleid van een beheerder, beleggingsmaatschappij, beleggingsonderneming, bewaarder of financiëledienstverlener dient bepaald of mede bepaald te worden door personen wier betrouwbaarheid buiten twijfel staat. De betrouwbaarheid van voorbedoelde personen staat buiten twijfel wanneer dat eenmaal door een toezichthouder voor de toepassing van de wet is vastgesteld, zolang niet een wijziging in de relevante feiten of omstandigheden een redelijke aanleiding geeft tot een nieuwe beoordeling. De vereisten voor betrouwbaarheid zijn uitgewerkt in hoofdstuk 3 van het Besluit gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft.

Integere bedrijfsuitoefening (artikel 4:11 Wft)
Een beheerder, beleggingsmaatschappij, beleggingsonderneming of bewaarder dient een adequaat beleid te voeren dat een integere uitoefening van haar onderscheidenlijk zijn bedrijf waarborgt. Hieronder wordt verstaan dat (i) belangenverstrengeling wordt tegengegaan; (ii) wordt tegengegaan dat de financiële onderneming of haar werknemers strafbare feiten of andere wetsovertredingen begaan die het vertrouwen in de financiële onderneming of in de financiële markten kunnen schaden; (iii) wordt tegengegaan dat wegens haar cliënten het vertrouwen in de financiële onderneming of in de financiële markten, kan worden geschaad; en (iv) wordt tegengegaan dat andere handelingen door de financiële onderneming of haar werknemers worden verricht die op een dusdanige wijze ingaan tegen hetgeen volgens het ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt, dat hierdoor het vertrouwen in de financiële onderneming of in de financiële markten ernstig kan worden geschaad.

Bedrijfsvoering en vestiging (artikel 4:39, 4:40, 4:83 en 4:84)
Het dagelijks beleid van een beheerder, beleggingsmaatschappij, beleggingsonderneming of bewaarder dient mede in verband met de continuïteit van de onderneming door tenminste twee natuurlijke personen worden bepaald. De personen die het dagelijks beleid van een beheerder of beleggingsmaatschappij met zetel in Nederland bepalen, verrichten hun werkzaamheden in verband daarmee vanuit Nederland.

Zeggenschapsstructuur (artikel 4:13 Wft)
Een beheerder, beleggingsmaatschappij, beleggingsonderneming, bewaarder of financiëledienstverlener dient niet verbonden te zijn met personen in een formele of feitelijke zeggenschapsstructuur die in zodanige mate ondoorzichtig is dat deze een belemmering vormt of kan vormen voor het adequaat uitoefenen van toezicht op die financiële onderneming.

Inrichting bedrijfsvoering (artikel 4:14 en 4:15 Wft)
Een beheerder, beleggingsinstelling, beleggingsonderneming, bewaarder of een financiëledienstverlener dient de bedrijfsvoering zodanig in te richten dat deze een beheerste en integere uitoefening van haar onderscheidenlijk zijn bedrijf waarborgt. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot het eerste lid. Deze regels hebben onder andere betrekking op het beheersen van bedrijfsprocessen en bedrijfsrisico’s en integriteit.



Naar alle veelgestelde vragen