Terug

Hoe moeten aanbieders omgaan met winstmarges in het kostprijsmodel?

Incidentele basis

Door een winstopslag toe te voegen aan de kostprijsberekening ontstaat een tarief dat vergelijkbaar is met het tarief dat de adviseur/bemiddelaar hanteert in het dienstverleningsdocument. Het is mogelijk dat een aanbieder op incidentele basis besluit verlies te nemen op de adviesdienst, bijvoorbeeld omdat een nieuwe aanbieder tot de markt toetreedt en daar een positie tracht op te bouwen. Met incidentele basis bedoelt de AFM dat dit in een bepaald jaar kan voorkomen, maar niet jaar op jaar mag voortduren.

Voor winstmarges geldt dus dat deze structureel positief moeten zijn. Een negatieve winstmarge impliceert namelijk dat niet alle advies- en distributiekosten bij de consument in rekening zijn gebracht, en dat het advies en/of de distributie met verlies in rekening wordt gebracht. In dit verband wijst de AFM er nog op dat de kosten voor advies en distributie niet in de prijs van het financiële product mogen worden opgenomen. Dit brengt met zich mee dat een negatieve winstmarge zich niet mag vertalen in de (hogere) prijs van het financiële product, om op die manier de verliezen op de advies- en distributiedienst op te vangen.

Marktconforme winstmarge

In het advies van SIS Finance, dat ten grondslag ligt aan de bepalingen in het BGfo, wordt voorgesteld om voor de winstmarge “een marktconforme opslag voor rendement op adviesdiensten in Nederland” te nemen. De AFM ziet vooralsnog geen aanleiding om zich uit te spreken over wat een ‘marktconforme’ winstmarge is. Het is aan aanbieders om tot een winstmarge te komen die recht doet aan het door SIS Finance gehanteerde criterium.



Naar alle veelgestelde vragen