Terug

Heffingen voor financiële ondernemingen stijgen in 2013

Nieuws Dit bericht is ouder dan 3 jaar. De inhoud kan hierdoor niet meer actueel zijn.

In 2013 vallen de tarieven voor het doorlopend toezicht voor de meeste financiële ondernemingen en overige onder toezicht staande partijen hoger uit dan het jaar daarvoor. Dat heeft vooral te maken met de lagere overheidsbijdrage aan de Autoriteit Financiële Markten (AFM). Financiële ondernemingen en de overheid betalen de kosten van het toezicht van de AFM. Bij de vaststelling van de tarieven is rekening gehouden met de wens van de Tweede Kamer om kleinere ondernemingen zoveel mogelijk te ontzien.

Ondernemingen ontvangen tussen half juni en eind 2013 een factuur van de AFM voor de heffingen die zij moeten betalen voor het doorlopend toezicht voor het jaar 2013. Een begeleidende brief bij de factuur geeft nadere uitleg. De minister van Financiën en de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid hebben de tarieven voor het doorlopend toezicht vastgesteld. De AFM heeft vertegenwoordigende brancheorganisaties (leden van het adviserend panel) over deze heffingen geconsulteerd en heeft vervolgens de bewindslieden geadviseerd.

Waarom een hogere heffing?

Zorgvuldige financiële dienstverlening, eerlijke en efficiënte kapitaalmarkten en een stabiel financieel stelsel blijven onverminderd aandachtspunten, juist in de huidige economische situatie. Toezicht blijft noodzakelijk. De totale begrote lasten van de AFM bedragen in 2013 85,3 miljoen euro. Dat is een toename van 4,9 miljoen euro ten opzichte van 2012, onder meer als gevolg van een aantal nieuwe taken. Nieuwe taken van de AFM zijn het toezicht op beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen, de ontwikkeling van financiële producten en het toezicht dat voortvloeit uit de Europese verordening European Market Infrastructures Regulation (EMIR).

De belangrijkste reden voor de stijging van de heffingen in 2013 is de lagere overheidsbijdrage. In 2012 was de begrote bijdrage van de overheid aan het AFM-toezicht nog 29 miljoen euro. Deze bijdrage is in 2013 gedaald naar 20 miljoen euro.

In 2013 gaan grotere ondernemingen relatief meer betalen voor het toezicht dan kleinere ondernemingen, doordat de tariefstructuur is aangepast. Een belangrijk uitgangspunt van de nieuwe tariefstructuur is de toepassing van het zogenoemde draagkrachtbeginsel. De hoogte van de heffing per individuele onderneming wordt bepaald op basis van verschillende criteria die voor de betreffende categorie van ondernemingen is vastgesteld. Voor financieel dienstverleners is dat bijvoorbeeld het aantal werknemers.

Verrekeningsbedragen 2012

De heffing in 2013 bestaat daarnaast uit een te verrekenen bedrag uit 2012. Dit kan zowel een na te heffen als terug te geven bedrag zijn, afhankelijk van de realisatie per toezichtcategorie in 2012. Het te verrekenen bedrag uit 2012 wordt apart getoond op de factuur.

Waar kunt u meer uitleg vinden over de heffingen?

Op haar website geeft de AFM antwoord op veelgestelde vragen over de heffingen 2013 en de bekostingingswet financieel toezicht (Wbft): www.afm.nl/wbft. Bovendien vindt u daar een brochure met een nadere toelichting.

Daarnaast stuurt de AFM speciale nieuwsbrieven naar een aantal specifieke toezichtgroepen, waarin zij per doelgroep de belangrijkste aanpassingen in de heffingen aangeeft. 

De AFM maakt zich sterk voor eerlijke en transparante financiële markten.

Als onafhankelijke gedragstoezichthouder dragen wij bij aan duurzaam financieel welzijn in Nederland.

Informatie delen

Delen via: deel