Terug

AFM: verslaggeving bedrijfscombinaties, winst per aandeel en obligatiefondsen over het algemeen inzichtelijk

Nieuws Dit bericht is ouder dan 3 jaar. De inhoud kan hierdoor niet meer actueel zijn.

Beursgenoteerde ondernemingen slagen er voor een groot deel in de effecten van bedrijfscombinaties begrijpelijk weer te geven voor de gebruikers van de jaarrekening. Dat blijkt uit één van de drie thematisch onderzoeken die de Autoriteit Financiële Markten (AFM) heeft uitgevoerd naar de financiële verslaggeving over 2010. Uit het themaonderzoek Winst per aandeel blijkt dat de presentatie en de toelichting in de financiële verslaggeving over het algemeen voldoende is. Analyse van de financiële verslaggeving van obligatiefondsen gaf in driekwart van de gevallen geen aanleiding tot nader onderzoek. De AFM ziet wel op verschillende punten mogelijkheden om de financiële verslaggeving verder te verbeteren.

Bedrijfscombinaties (IFRS 3R)

In het boekjaar 2010 heeft 18 procent van de beursgenoteerde ondernemingen één of meerdere bedrijven overgenomen. Een overname of bedrijfscombinatie is een gebeurtenis waarbij de informatiebehoefte bij gebruikers van de jaarrekening toeneemt.

De AFM heeft de indruk dat ondernemingen zich inspannen de internationale voorschriften (IFRS) op het gebied van de verwerking van bedrijfscombinaties goed toe te passen om daarmee de effecten van bedrijfscombinaties begrijpelijk weer te geven voor de gebruikers van de jaarrekening.
Op de volgende punten zou de verwerking van bedrijfscombinaties verder kunnen verbeteren, worden uitgebreid of verduidelijkt:

  • De vermelding van het totaal van de overnamevergoeding en alle componenten waaruit deze is opgebouwd;
  • De toelichting op het voorwaardelijke deel van de overnamevergoeding en het eventuele effect hiervan op het resultaat voor het boekjaar; 
  • De toelichting van de op de overnamedatum in de verslaggeving opgenomen bedragen voor elke categorie van verworven activa en overgenomen verplichtingen, waaronder de overgenomen vorderingen;
  • De toelichting op de verwerking van bestaande niet controlerende kapitaalbelangen op het moment van aangaan van de bedrijfscombinatie;
  • De vermelding van aan de overname gerelateerde kosten; en
  • De wijze van identificeren van overgenomen voorwaardelijke verplichtingen en de zogenaamde ‘herworven’ activa.

Winst per aandeel (IAS 33)

In het themaonderzoek naar IAS 33 is de AFM nagegaan hoe de Winst per aandeel (WPA) wordt berekend en gerapporteerd. Hiervoor zijn 45 ondernemingen met een beursnotering aan NYSE Euronext geselecteerd. De selectie van ondernemingen is gelijkelijk verdeeld over de AEX, AMX en AScX index.
Uit het onderzoek blijkt dat de presentatie en de toelichting over WPA in de financiële verslaggeving 2010 over het algemeen voldoende is. Alle ondernemingen presenteren de gewone en verwaterde WPA onder de geconsolideerde winst- en verliesrekening of onder het overzicht van het totaal resultaat (Statement of Other Comprehensive Income). Daarnaast rapporteren ondernemingen de WPA in verschillende onderdelen van de financiële verslaggeving (directieverslag, kerncijfers, meerjarenoverzichten). De ondernemingen geven in het algemeen voldoende toelichting op de WPA. Omdat het altijd nog beter kan, geeft de AFM in het rapport een aantal verbeterpunten weer waarmee de informatie over de WPA nog meer op de wensen van beleggers zou kunnen aansluiten.

De AFM heeft in het kader van dit onderzoek ook analistenrapporten onder de loep genomen. Hieruit blijkt dat ongeveer de helft van de analisten eigen berekeningen van de WPA maken in hun rapporten. Vaak is dit WPA geschoond van bijzondere posten als amortisatie goodwill, impairments en reorganisatiekosten. Dit bevestigt het belang van een goede toelichting. Analisten nemen in hun rapporten naast de WPA overigens een grote verscheidenheid aan andere maatstaven per aandeel op. Analisten berekenen behalve de WPA soms ook de kasstroom per aandeel, de omzet per aandeel, de EBIT per aandeel en het eigen vermogen per aandeel.

Obligatiefondsen

De analyse van de financiële verslaggeving van obligatiefondsen gaf in driekwart van de gevallen geen aanleiding tot nader onderzoek. De wettelijke bepalingen met betrekking tot het directieverslag en de voor Nederlandse vennootschappen geldende toelichtingsvereisten zijn goed nageleefd. Het gaat dan onder meer om toelichtingen die betrekking hebben op wettelijke reserves en bestuurdersbeloningen. Door de AFM wordt naar het resterende kwart van de gevallen nader onderzoek ingesteld. Onderwerpen die hierbij aan de orde komen zijn bijvoorbeeld de classificatie van vorderingen en schulden als lange termijn, waardering van schulden en vorderingen op reële waarde, pensioenen en het kasstroomoverzicht.

De informatieverstrekking over de kredietwaardigheid van de groepsmaatschappijen en de garantiesteller in geval van garantiestelling door een groepsmaatschappij en het opnemen van de bestuurdersverklaring zoals voorgeschreven in de Wet op het financieel toezicht zijn verbeterpunten voor de financiële verslaggeving van obligatiefondsen.

Verder leidt de diversiteit in toegestane standaarden niet altijd tot vergelijkbare verslaggeving. Toelichtingsvereisten zijn uitgebreider onder toepassing van IFRS dan onder Titel 9 Boek 2BW (BW2) en/of de Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving. Wij roepen obligatiefondsen op in hun financiële verslaggeving IFRS toe te passen, om zo de vergelijkbaarheid van de verslaggeving te vergroten.

Een aantal obligatiefondsen past in haar verslaggeving de vrijstellingen uit art. 2:403 BW en/of art. 2:408 BW toe. De transparantie is niet gebaat bij deze vrijstellingen, zeker niet als de moedermaatschappij niet onder toezicht staat. Daarnaast verhoudt art. 2:408 BW voor beursgenoteerde ondernemingen zich naar de mening van de AFM niet langer met de Moderniseringsrichtlijn van de EU. Wij roepen obligatiefondsen dan ook op om, vooruitlopend op de benodigde wetswijzigingen, geen gebruik meer te maken van deze vrijstellingen.

De AFM bevordert eerlijke en transparante financiële markten. Wij zijn de onafhankelijke gedragstoezichthouder op de markten van sparen, lenen, beleggen en verzekeren. De AFM bevordert zorgvuldige financiële dienstverlening aan consumenten en ziet toe op een eerlijke en efficiënte werking van kapitaalmarkten. Ons streven is het vertrouwen van consumenten en bedrijven in de financiële markten te versterken, ook internationaal. Op deze manier draagt de AFM bij aan de welvaart en de economische reputatie van Nederland.

De AFM maakt zich sterk voor eerlijke en transparante financiële markten.

Als onafhankelijke gedragstoezichthouder dragen wij bij aan duurzaam financieel welzijn in Nederland.

Informatie delen

Delen via: deel