De website afm.nl maakt gebruik van cookies

Veelgestelde vragen

Hier vindt u een overzicht van de veelgestelde vragen aan de AFM. Wordt uw vraag hieronder niet beantwoord dan kunt u uw vraag stellen via uw accountmanager, of door gebruik te maken van het contactformulier.

 
 

Onderwerp

 
 
 
 
  • Hebben gekwalificeerde beleggers ook het recht om binnen twee werkdagen na publicatie van een goedgekeurd supplement de aanvaarding van de aangeboden effecten in te trekken als uitsluitend aan hen effecten worden aangeboden?  

    Nee.

    Vrijgestelde aanbiedingen

    Voor een aanbieding van effecten aan uitsluitend gekwalificeerde beleggers is geen door een bevoegde toezichthouder goedgekeurd prospectus vereist. Er hoeft dan ook geen supplement te worden opgesteld en goedgekeurd (zoals bedoeld in artikel 5:23 Wft) als zich bijvoorbeeld een belangrijke nieuwe ontwikkeling voordoet.

    Vrijgestelde aanbiedingen gevolgd door een toelating tot de handel op een gereglementeerde markt

    Als effecten na een vrijgestelde aanbieding worden toegelaten tot de handel op een gereglementeerde markt, moet een prospectus worden goedgekeurd door een bevoegde toezichthouder. Als zich tussen (i) de goedkeuring van het prospectus en (ii) de toelating tot de handel een belangrijke nieuwe ontwikkeling voordoet, moet een door een bevoegde toezichthouder goedgekeurd supplement algemeen verkrijgbaar worden gesteld. Het recht om binnen twee werkdagen na de publicatie van dat goedgekeurde supplement een overeenkomst te ontbinden of een aanbod te herroepen, geldt echter alleen voor aanbiedingen van effecten aan het publiek en niet voor toelatingen tot de handel. Dat komt doordat per 1 juli 2012 artikel 5:23, zevende lid Wft (zoals dat voor 1 juli 2012 gold) is vervallen.

    Het recht om binnen twee werkdagen na de publicatie van een goedgekeurd supplement een overeenkomst te ontbinden of een aanbod te herroepen, hoeft op grond van artikel 5:23, zesde lid Wft dus niet in een supplement vermeld te worden als de effecten uitsluitend aan gekwalificeerde beleggers worden aangeboden.

  • Hoe moet het basisprospectus worden gebruikt voor een nieuwe tranche van effecten die eerder waren uitgegeven onder een prospectus dat niet meer geldig is? 

    In basisprospectussen wordt vaak de mogelijkheid ingebouwd om een nieuwe tranche uit te geven van effecten die oorspronkelijk onder een ander (basis)prospectus waren uitgegeven. Het oude prospectus is niet meer geldig en het nieuwe basisprospectus bevat (algemene) productvoorwaarden die licht afwijken van de oorspronkelijke voorwaarden. In verband met de dooreenleverbaarheid is het gewenst dat de voorwaarden voor beide tranches exact gelijk zijn. Daarom worden voor dergelijke “ophogingen” de oorspronkelijke voorwaarden van toepassing verklaard in plaats van de voorwaarden in het nieuwe basisprospectus.

    Onder de prospectusregels is dit mogelijk (zie ook ESMA Q&A  no. 8) maar in praktijk gaat het vaak niet goed. De AFM gaat meer aandacht besteden aan dit onderwerp opdat één en ander niet ten koste gaat van de volledigheid en toegankelijkheid van de in het prospectus op te nemen informatie en ook niet onduidelijk of misleidend is.

    Aandachtspunten voor uitgevende instellingen:

    1. Bij elke uitgifte van effecten onder het basisprospectus moet heel duidelijk zijn welke voorwaarden wel en welke voorwaarden niet van toepassing zijn. Gewoonlijk zal dit ondermeer worden aangegeven in de Definitieve Voorwaarden (“Final Terms”). De (alternatieve) teksten en “placeholders” in de “Form of Final Terms” in het basisprospectus moeten hier nauwkeurig op inspelen.
    2. Voorwaarden die (kunnen) worden toegepast moeten in het prospectus zijn opgenomen. Dit kan door opname (al dan niet door verwijzing) van alternatieve sets voorwaarden in het basisprospectus dan wel door opname van de toegepaste “oude” voorwaarden in de definitieve Final Terms. In dit laatste geval moet in de “Form of Final Terms” een “placeholder” zijn opgenomen met adequate invulinstructies. In dit geval moet ten tijde van de uitgifte ook worden beoordeeld of deze voorwaarden niet dusdanig afwijken dat artikel 5:23 lid 1 Wft van toepassing is.
    3. Als in het basisprospectus ook de “oude” “Form of Final Terms” wordt opgenomen, moet deze zodanig worden aangepast dat deze niet meer naar het oude maar naar het actuele basisprospectus verwijst.

  • Wat zijn de aandachtspunten bij “ophogingen” (vervolgemissies) die worden gedaan onder de voorwaarden van een basisprospectus dat niet meer geldig is? 

    In basisprospectussen wordt vaak de mogelijkheid ingebouwd om een nieuwe tranche uit te geven van effecten die oorspronkelijk onder een ander (basis)prospectus waren uitgegeven. Het oude prospectus is niet meer geldig en het nieuwe basisprospectus bevat (algemene) productvoorwaarden die licht afwijken van de oorspronkelijke voorwaarden. In verband met de dooreenleverbaarheid (fungibility) is het gewenst dat de voorwaarden voor beide tranches exact gelijk zijn. Daarom worden voor dergelijke “ophogingen” de oorspronkelijke voorwaarden van toepassing verklaard in plaats van de voorwaarden in het nieuwe basisprospectus.

    Onder de prospectusregels is dit mogelijk (zie ook ESMA Q&A no. 8) maar één en ander mag niet ten koste gaan van de volledigheid en toegankelijkheid van de in het prospectus op te nemen informatie en ook niet onduidelijk of misleidend zijn. De aandachtspunten hierbij luiden als volgt:

    1. Bij elke uitgifte van effecten onder het basisprospectus moet heel duidelijk zijn welke voorwaarden wel en welke voorwaarden niet van toepassing zijn. Gewoonlijk zal dit onder meer worden aangegeven in de Definitieve Voorwaarden (“Final Terms”). De (alternatieve) teksten en “placeholders” in de “Form of Final Terms” in het basisprospectus moeten hier nauwkeurig op inspelen. 
    2. Voorwaarden die (kunnen) worden toegepast moeten in het prospectus zijn opgenomen. Dit kan door opname (al dan niet door verwijzing) van alternatieve sets voorwaarden in het basisprospectus dan wel door opname van de toegepaste “oude” voorwaarden in de definitieve Final Terms. In dit laatste geval moet in de “Form of Final Terms” een “placeholder” zijn opgenomen met adequate invulinstructies. In dit geval moet ten tijde van de uitgifte ook worden beoordeeld of deze voorwaarden niet dusdanig afwijken dat artikel 5:23 lid 1 Wft van toepassing is. 
    3. Als in het basisprospectus ook de “oude” “Form of Final Terms” wordt opgenomen, moet deze zodanig worden aangepast dat deze niet meer naar het oude maar naar het actuele basisprospectus verwijst.

  • Hoe moet de verantwoordelijkheidsverklaring in het prospectus luiden? 

    Op grond van item 1.2 van Annex I en vergelijkbare items van andere relevante annexen van de prospectus verordening (Verordening (EG) Nr. 809/2004) moet het prospectus een verklaring bevatten waarin er verantwoordelijkheid wordt genomen voor de inhoud van het gehele prospectus.

    Deze verklaring moet letterlijk worden overgenomen uit de prospectus verordening en de AFM staat afwijkingen op de verantwoordelijkheidsverklaring niet toe.

    Deze verklaring luidt als volgt: (…) verklaart dat, na het treffen van alle redelijke maatregelen om zulks te garanderen en voorzover hun bekend, de gegevens in het prospectus in overeenstemming zijn met de werkelijkheid en dat geen gegevens zijn weggelaten waarvan de vermelding de strekking van het prospectus zou wijzigen.

    (…) declares that, having taken all reasonable care to ensure that such is the case, the information contained in the prospectus is, to the best of their knowledge, in accordance with the facts and contains no omission likely to affect its import.

    Elke afwijking van de door de prospectus verordening voorgeschreven verantwoordelijkheidsverklaring is daarom niet toegestaan. Voorbeelden van verantwoordelijkheidsverklaringen die de AFM regelmatig constateert zijn:

    ‘De uitgevende instelling verklaart dat er geen informatie is weggelaten die de strekking van hetgeen in dit Prospectus is opgenomen in enig wezenlijk opzicht zou wijzigen.’

    ‘De uitgevende instelling is zich er niet van bewust gegevens te hebben weggelaten waarvan vermelding de strekking van dit Prospectus wezenlijk zou wijzigen.’

    ‘De initiatiefnemer is verantwoordelijk voor de totstandkoming van dit Prospectus.’

  • Hoe moet de verklaring in het prospectus luiden als van een derde afkomstige informatie in het prospectus wordt opgenomen? 

    Op grond van bijvoorbeeld item 23.2 van Annex I of item 16.2 van Annex IV van de prospectus verordening (Verordening (EG) Nr. 809/2004) moet het prospectus een bepaalde verklaring bevatten als van een derde afkomstige informatie in het prospectus wordt opgenomen.

    Deze verklaring luidt als volgt: “The information has been accurately reproduced and as far as the issuer is aware and is able to ascertain from information published by that third party, no facts have been omitted which would render the reproduced information inaccurate or misleading.” Ook moet het duidelijk zijn op welke informatie uit het prospectus deze verklaring ziet.

    De AFM staat een inhoudelijke wijziging in deze verklaring niet toe als daarmee de verantwoordelijkheidsverklaring van onder andere item  1.2 van Annex I van de prospectus verordening wordt uitgehold.

    In het hiernavolgende voorbeeld is het vetgedrukte stuk een voorbeeld van een toevoeging die niet door de AFM wordt toegestaan: “Although we believe these sources are reliable, as we do not have access to the information, methodology and other bases for such information, we have not independently verified the information and therefore cannot guarantee its accuracy and completeness.

  • Wat wordt bedoeld met “gehecht aan het prospectus” uit bijvoorbeeld item 9 van bijlage XXV van de prospectus verordening? 

    Op grond van bijvoorbeeld item 9 van bijlage XXV van de prospectus verordening (Verordening (EG) Nr. 809/2004) moet een uitgevende instelling informatie over haar bedrijfsresultaten en financiële toestand bekendmaken, indien de jaarverslagen die overeenkomstig artikel 46 van Richtlijn 78/660/EG en artikel 36 van Richtlijn 83/349/EEG zijn opgesteld en ingediend voor de door de historische financiële informatie bestreken tijdvakken, niet zijn opgenomen in of gehecht zijn aan het prospectus.

    Het ‘hechten aan het prospectus’ als bedoeld in dit item houdt in dat de volledige jaarverslagen in hun originele vorm aan het prospectus mogen worden toegevoegd. Zij maken dan gewoon onderdeel uit van het prospectus. Dit betekent dat de verantwoordelijkheidsverklaring van item 1.2 van bijlage XXV van de prospectus verordening ook op deze financiële informatie moet zien.

  • Moet in het specifieke geval tijdens de AIW-handel een supplement op het prospectus worden opgesteld op grond van artikel 5:23 Wft? 

    Op grond van artikel 5:23 lid 1 Wft moet een supplement worden opgesteld als tussen het tijdstip van goedkeuring van een prospectus en de definitieve afsluiting van de aanbieding of, in voorkomend geval, het tijdstip waarop de handel in de desbetreffende effecten op een gereglementeerde markt aanvangt als dat tijdstip later valt, zich een belangrijke nieuwe ontwikkeling voordoet die verband houdt met de informatie in het goedgekeurde prospectus of als in het prospectus een materiële vergissing of onjuistheid wordt geconstateerd die van invloed kan zijn op de beoordeling van de effecten.

    Bij "as-if-and-when-issued-handel” (“AIW-handel”) op Euronext Amsterdam wordt de mogelijkheid geboden om al in effecten te handelen voordat deze zijn uitgegeven. Dat laatste gebeurt in de meeste gevallen drie dagen na de eerste dag van toelating tot de AIW-handel. Het moment van toelating tot de handel op een gereglementeerde markt is de dag dat de AIW-handel begint. Als, in voorkomend geval, dit tijdstip van toelating tot de handel op een gereglementeerde markt later valt dan het einde van het betreffende aanbod van de effecten aan het publiek, hoeft bij een belangrijke nieuwe ontwikkeling of een materiële vergissing of een onjuistheid in het prospectus, geen supplement te worden opgesteld.

    Let wel dat tijdens AIW-handel de openbaarmakingsplicht van artikel 5:25i Wft bestaat om koersgevoelige informatie te publiceren.

  • Heeft de Europese verordening inzake ratingbureau's (EG/1060/2009) ook invloed op prospectussen? 

    Ja, indien in het prospectus een of meerdere ratings worden genoemd, moet het prospectus duidelijke en opvallende informatie bevatten over de vraag of die rating of ratings zijn afgegeven door een in de Europese Unie gevestigd ratingbureau dat overeenkomstig de verordening inzake ratingbureau's is geregistreerd. Deze verplichting is neergelegd in artikel 4(1) van de verordening en geldt vanaf 7 december 2010.

  • Hoe weet ik of een aanvraag of vervolgconcept goed is ontvangen door de AFM?  

    Aanvraag
    Na het versturen van de aanvraag aan Service.Prospectus@afm.nl als hoofdgeadresseerde, ontvangt u een automatische ontvangstbevestiging van de AFM. Indien u geen ontvangstbevestiging hebt ontvangen, verzoeken wij u vriendelijk om contact met ons op te nemen via het Secretariaat van de afdeling Emissies en Openbare Biedingen op 020-797 2896. Een aanvraag mag maximaal 9 MB omvatten.

    Vervolgconcept(en)
    Nadat een vervolgconcept aan de AFM is verstuurd, verzoeken wij marktpartijen contact op te nemen met de dossierbehandelaar(s) om er zeker van te zijn dat het desbetreffende concept in goede orde is ontvangen.

    Meer informatie over de aanvraagprocedure vindt u hier:
    Procedure aanvraag tot goedkeuring.

  • Hoe kan ik een prospectus laten goedkeuren. Welke documenten moet ik meesturen bij het indienen van de aanvraag tot goedkeuring?  

    Onder Procedure aanvraag tot goedkeuring staat vermeld hoe een aanvraag tot goedkeuring kan worden ingediend, welke documenten u moet meesturen en hoe het proces verder verloopt.

  • Moeten reclame-uitingen die betrekking hebben op een goedgekeurd of nog goed te keuren prospectus, aan bepaalde wettelijke eisen voldoen? 

    Artikel 5:20 van de Wet op het financieel toezicht (Wft) bevat regels voor reclame-uitingen die betrekking hebben op een goedgekeurd of nog goed te keuren prospectus. In dergelijke reclame-uitingen moet vermeld worden dat er een prospectus algemeen verkrijgbaar is of wordt gesteld en waar dit prospectus kan worden verkregen. Ook moet de uiting als reclame-uiting herkenbaar zijn en moet deze informatie bevatten die niet onjuist of misleidend is en die in overeenstemming is met de informatie die in het prospectus is of wordt opgenomen. Daarnaast moeten bepaalde reclame-uitingen een zogenaamde vrijstellingsvermelding bevatten. Meer informatie hierover vindt u via onderstaande link.

  • Hoeveel MB kan een e-mail met bijlagen bevatten die aan het mailadres van prospectus toezicht wordt gestuurd? Hoeveel MB kan een document in pdf-formaat maximaal bevatten? 

    Een e-mail gestuurd aan service.prospectus@afm.nl kan maximaal 9 MB bevatten; deze kan worden gelezen door de medewerkers van de afdeling Emissies. Een e-mail die rechtstreeks wordt verstuurd aan een medewerker van de afdeling Emissies kan echter maximaal 5 MB bevatten. De maximale grootte van een document in PDF-formaat (zie Procedure aanvraag tot goedkeuring) is 9 MB.

  • Hoeveel kost het om een prospectus te laten goedkeuren?  

    Hoeveel het in behandeling nemen van een aanvraag tot goedkeuring van een prospectus of een supplement kost, wordt bepaald in de “Regeling vaststelling bedragen ex artikelen 2 en 3 Besluit bekostiging financieel toezicht”. Het bedrag is afhankelijk van het type goed te keuren document. Zie voor de bedragen genoemd in deze vaststellingsregeling de informatie onder Relevante wet- en regelgeving.

    Overigens is de AFM op grond van de hiervoor genoemde regelgeving ook verplicht om het relevante bedrag in rekening te brengen wanneer de AFM uw aanvraag in behandeling heeft genomen en u de aanvraag tot goedkeuring van het prospectus intrekt of deze door de AFM buiten behandeling wordt gesteld.

  • Wat houdt een goedkeuring van een prospectus door de AFM precies in?  

    Een goedkeuring van een prospectus door de AFM houdt in dat de AFM een positief besluit heeft genomen bij het afronden van de controle van de volledigheid van het prospectus, met inbegrip van de consistentie en begrijpelijkheid van de verstrekte informatie. ‘Volledigheid’ betekent in dit verband dat alle van toepassing zijnde informatievereisten uit met name de verwijzingstabellen zijn geadresseerd. Meer informatie over deze verwijzingstabellen vindt u onder Procedure aanvraag tot goedkeuring. Een goedkeuring betekent niet dat de AFM heeft getoetst of de in het prospectus opgenomen informatie al dan niet voldoet aan overige wet- en regelgeving en of de opgenomen informatie feitelijk juist is. Een goedkeuring betekent ook niet dat de AFM de in het prospectus beschreven aanbieding op haar economische merites heeft beoordeeld; een goedkeuring is evenmin een beleggingsadvies.

  • Waarop dient gelet te worden bij het opnemen van informatie door verwijzing in het prospectus? 

    De prospectusregels staan toe dat informatie wordt opgenomen door verwijzing. Dit kan het opstellen van het prospectus eenvoudiger en goedkoper maken. Maar hierbij mag volgens overweging 30 van de Prospectusverordening ((EG) Nr. 809/2004) geen afbreuk worden gedaan aan andere belangen die het prospectus beoogt te beschermen. Artikel 28.5 van de Prospectusverordening schrijft dan ook voor dat opstellers van het prospectus ernaar streven geen afbreuk te doen aan de bescherming van de belegger. Alle informatie moet voor een belegger begrijpelijk en toegankelijk zijn.

    De AFM constateert dat in veel gevallen de begrijpelijkheid en toegankelijkheid in het geding is. Door het gebruik van teveel verschillende documenten ontstaat fragmentatie. Bovendien laat de verkrijgbaarheid van de afzonderlijke documenten vaak te wensen over.

    Bij de prospectustoets zal de AFM in het vervolg extra letten op naleving van Artikel 28.5 van de Prospectusverordening. Het doel hiervan is om het aantal afzonderlijke documenten binnen redelijke proporties te houden en de toegankelijkheid van de informatie te verbeteren. Bij dit laatste moet ondermeer gedacht worden aan duidelijke identificatie van en verwijzing naar de afzonderlijke documenten. Ook dienen beleggers de documenten te kunnen verkrijgen zonder onnodige barrières.

    De door verwijzing opgenomen informatie is net zo belangrijk als de informatie in het “hoofddocument” en mag, voor wat betreft toegankelijkheid en begrijpelijkheid, hiervoor niet onderdoen.

  • In welke taal moet een prospectus worden opgesteld dat wordt goedgekeurd door de AFM en/of dat wordt opgesteld voor een aanbieding van effecten aan het publiek of toelating van effecten tot de handel op een gereglementeerde markt in Nederland?  

    Een prospectus moet voldoen aan de taaleisen van het land waar de betreffende effecten worden aangeboden aan het publiek of worden toegelaten tot de handel op een gereglementeerde markt.

    Vindt de aanbieding dan wel toelating tot de handel in Nederland plaats, dan moet het prospectus zijn opgesteld in het Nederlands of in het Engels. Let op, dit geldt óók voor alle documenten die in het prospectus zijn opgenomen door middel van verwijzing.

    Goedkeuring door de AFM
    Een prospectus dat wordt opgesteld voor een aanbieding van effecten aan het publiek of een toelating van effecten tot de handel op een gereglementeerde markt in een andere lidstaat dan Nederland en dat door de AFM wordt goedgekeurd, moet ook in het Nederlands of in het Engels worden opgesteld. De AFM keurt geen prospectussen goed die in een andere taal zijn opgesteld. Een dergelijk prospectus zal tevens moeten voldoen aan de taaleisen van het land waar de effecten worden aangeboden of toegelaten tot de handel. Moet of wenst de aanvrager het prospectus in het betreffende land beschikbaar te stellen in een andere taal dan die waarin het prospectus door de AFM is goedgekeurd, dan zal een vertaling van het goedgekeurde prospectus nodig zijn. In dat geval paspoort de AFM het goedgekeurde prospectus tezamen met de vertaling naar de relevante toezichthouder. Let wel, het gehele prospectus (inclusief documenten opgenomen door verwijzing) dient vertaald te worden. De aanvrager is zelf verantwoordelijk voor een juiste vertaling van het prospectus. De AFM toetst de vertaling niet.

    Goedkeuring door een toezichthouder van een andere Europese lidstaat
    Het kan zijn dat een prospectus wordt opgesteld voor een aanbieding of toelating tot de handel in Nederland en wordt goedgekeurd door een toezichthouder van een andere Europese lidstaat. In dat geval moet het prospectus zijn opgesteld in het Nederlands of in het Engels. Is het prospectus opgesteld en goedgekeurd in een andere taal dan het Nederlands of Engels, dan dient het gehele prospectus (incl. documenten opgenomen door verwijzing) voor de aanbieding of toelating tot de handel in Nederland vertaald te worden in het Nederlands of Engels. De AFM dient het goedgekeurde prospectus tezamen met de vertaling en het paspoort te ontvangen van de desbetreffende toezichthouder. De aanvrager is zelf verantwoordelijk voor een juiste vertaling van het prospectus. De AFM toetst de vertaling niet.

    Een overzicht van de taaleisen voor het prospectus die gelden in de verschillende Europese lidstaten, is opgenomen in  het document ‘Overview of language requirements for the vetting of Prospectus across the EU and a summary of CESR Members requirements regarding the translation of the Summary Prospectus’ dat te raadplegen is op de website van de European Securities and Markets Authority (ESMA) (voorheen CESR) (www.esma.europa.eu).

  • Welke informatie dient in het prospectus opgenomen te worden op grond van de verschillende rubrieken van de Bijlagen van de Prospectusverordening ((EG) Nr. 809/2004) met betrekking tot het ‘overzicht van de bedrijfsactiviteiten’? 

    Op grond van rubriek 6 van Bijlage I, ‘overzicht van de bedrijfsactiviteiten’, dient onder meer een beschrijving van de belangrijkste activiteiten van de uitgevende instelling (rubriek 6.1.1 van Bijlage I) gegeven te worden in het prospectus. Deze rubriek dient niet verward te worden met rubriek 21.2.1 van Bijlage I, welke een omschrijving van het statutaire doel van de uitgevende instelling vereist. Het statutaire doel van een onderneming is namelijk vaak breed geformuleerd. Het statutaire doel van een uitgevende instelling zal daarom niet per definitie gelijk zijn aan de feitelijke activiteiten van een onderneming.

    Ook dient op grond van rubriek 6 een beschrijving van de belangrijkste markten waarop de uitgevende instelling actief is opgenomen te worden in het prospectus. Dit vereiste is opgenomen in onder meer Bijlage I (rubriek 6.2), IV (rubriek 6.2) en XI (rubriek 5.1.3). Voor Bijlage IV en XI kan worden volstaan met een beknopte beschrijving. Het gaat hier niet om informatie over de feitelijke activiteiten van de uitgevende instelling op die markten, maar om een algemene beschrijving van de markten zelf. Informatie over het aantal spelers op een markt valt hier bijvoorbeeld onder.

    Ook lijkt onduidelijkheid te bestaan over welke informatie precies op grond van het laatste onderdeel van rubriek 6 van Bijlage 1, rubriek 6.5, in het prospectus opgenomen dient te worden. De bedoeling van deze rubriek is dat wordt aangegeven welke feitelijke informatie ten grondslag ligt aan de verklaringen van de uitgevende instelling over zijn concurrentiepositie. Hierbij kan gedacht worden aan vermelding van de gebruikte bronnen.

  • Hoelang duurt het voordat de AFM het 'paspoort' met het goedgekeurde prospectus aan een andere toezichthouder heeft verstuurd? 

    Als een verzoek tot notificatie aan een andere toezichthouder in de E.E.R. van de goedkeuring van een prospectus door de AFM (een verzoek tot het versturen van een ‘paspoort’) wordt gedaan voordat het prospectus is goedgekeurd, is de AFM wettelijk verplicht om het paspoort binnen een werkdag na goedkeuring van het prospectus te versturen. Als het verzoek wordt gedaan nadat het prospectus is goedgekeurd, is de AFM wettelijk verplicht om het paspoort binnen drie werkdagen te versturen. In de praktijk streeft de AFM er naar om het paspoort op dezelfde dag van goedkeuring van het prospectus te versturen.

    Volledigheidshalve wordt u erop gewezen dat bij het versturen van een paspoort sommige toezichthouders van andere lidstaten eisen dat een vertaling van de samenvatting van het prospectus wordt meegestuurd. Meer informatie hierover is te vinden in het document ‘Overview of language requirements for the vetting of Prospectus across the EU and a summary of ESMA Members requirements regarding the translation of the ‘Summary Prospectus’’ dat is te vinden op www.esma-europe.eu.

  • Hoe weet ik of het paspoorten van het goedgekeurde prospectus aan een daartoe bevoegde toezichthouder van een ander land is gelukt? 

    U ontvangt van de AFM bericht dat het paspoort is verstuurd. U moet zelf contact opnemen bij de toezichthouder van de lidstaat die het paspoort ontvangt of het paspoort daadwerkelijk is ontvangen.

  • Houdt de AFM een openbaar register bij van door haar ontvangen prospectussen die door een daartoe bevoegde toezichthouder van een ander land zijn goedgekeurd en aan de AFM zijn gepaspoort?  

    Ja. Dit is te vinden op de AFM website in het register genotificeerde prospectussen

  • Waar vind ik het register met door de AFM goedgekeurde prospectussen? 

    Dit is te vinden op de AFM website onder register goedgekeurde prospectussen. De goedgekeurde prospectussen kunt u daar downloaden.

  • Zijn er vrijstellingen van het verbod om in Nederland effecten aan te bieden aan het publiek of effecten te doen toelaten tot de handel op een in Nederland gelegen of functionerende gereglementeerde markt zonder een door een bevoegde toezichthouder goedgekeurd prospectus algemeen verkrijgbaar te stellen (e.e.a. als bedoeld in artikel 5:2 Wft)? 

    In beginsel hoeft er geen prospectus door een bevoegde toezichthouder te worden goedgekeurd en algemeen verkrijgbaar te worden gesteld als een van de uitzonderingen genoemd in artikel 5:3 of 5:4 van de Wft van toepassing is of als een van de vrijstellingen genoemd in de Vrijstellingsregeling Wft van toepassing is. Het is onder meer niet vereist om een prospectus door een daartoe bevoegde toezichthouder te laten goedkeuren en algemeen verkrijgbaar te stellen als:

    • de aanbieding geschiedt aan minder dan 150 personen (niet relevant is hoeveel mensen daadwerkelijk op de aanbieding ingaan, relevant is aan hoeveel mensen wordt aangeboden);
    • de effecten slechts kunnen worden verworven (al dan niet in een pakket) tegen een waarde van tenminste 100.000 euro per belegger;
    • de nominale waarde van een effect 100.000 euro of meer is;
    • de totale tegenwaarde van de aanbieding minder is dan 100.000 euro;
    • aandelen of certificaten van aandelen die, bezien over een periode van 12 maanden, minder dan tien procent vertegenwoordigen van het aantal aandelen of certificaten van aandelen van dezelfde categorie of klasse die reeds zijn toegelaten tot de handel op dezelfde in Nederland gelegen of functionerende gereglementeerde markt;
    • effecten worden aangeboden of zijn dan wel zullen worden toegewezen in verband met een fusie of splitsing vermits een document beschikbaar is dat informatie bevat die gelijkwaardig is aan de informatie die het prospectus bevat;
    • effecten door een vereniging of instelling zonder winstoogmerk worden aangeboden met het oog op het verwerven van middelen om haar niet-commerciële doelen te verwezenlijken; en
    • de totale tegenwaarde van de effecten die worden aangeboden minder is dan 2,5 miljoen euro, berekend over een periode van 12 maanden en er ook voldaan wordt aan lid 3 en lid 4 van artikel 53 van de Vrijstellingsregeling Wft.

    Als u gebruikt maakt van bepaalde vrijstellingen dan moet u een zogenaamde ‘vrijstellingsvermelding’ plaatsen. Meer informatie hierover via onderstaande link.

  • Is het mogelijk dat de AFM ontheffing verleent van de verplichting om bepaalde informatie in het prospectus op te nemen? Hoe dient een dergelijk ontheffingsverzoek te worden ingediend? 

    In bepaalde nauwkeurig omschreven gevallen is het mogelijk om informatie die verplicht opgenomen dient te worden in het prospectus (o.g.v. hoofdstuk 5.1 Wft en o.g.v. de prospectusverordening), niet op te nemen in het prospectus. De aanvrager van de goedkeuring van het prospectus dient daartoe een schriftelijk en gemotiveerd verzoek bij de AFM in te dienen. Voor een beschrijving van de procedure van het indienen van het ontheffingsverzoek verwijzen wij u naar:
    Procedure aanvraag ontheffing

  • Wat is "paspoorten"? 

    Een autoriteit "paspoort" een prospectus als zij aan een andere autoriteit een kennisgeving van goedkeuring stuurt, dus meldt dat zij een prospectus heeft goedgekeurd. Dan mogen effecten ook in de lidstaat van die andere autoriteit worden aangeboden. Of mogen de effecten worden toegelaten tot de handel op een gereglementeerde markt. Voor beide handelingen is in beginsel een goedgekeurd prospectus vereist, dat ook naar andere lidstaten kan worden "gepaspoort".

  • Mijn vraag staat hier niet bij, waar kan ik terecht?  

    Onder Contact vindt u de gegevens van de medewerkers bij wie u met uw vragen over het toezicht op emissies terecht kunt. Uw vraag kunt u ook stellen via: service.prospectus@afm.nl.