Waarom een Self Assessment voor beleggingsinstellingen?
De AFM houdt toezicht op een groot aantal financiële ondernemingen. Naast (beheerders van) beleggingsinstellingen kunt u hierbij denken aan banken, verzekeraars, pensioenfondsen, financiële dienstverleners en beleggingsondernemingen. Het Self Assessment is één van de instrumenten die de AFM gebruikt om het toezicht op grotere groepen ondernemingen zo efficiënt en effectief mogelijk uit te kunnen voeren. Daarbij gebruikt de AFM het Self Assessment om ondernemingen zichzelf te laten beoordelen op belangrijke aspecten van de voor hen van toepassing zijnde wet- en regelgeving.
Het AFM Self Assessment beleggingsinstellingen 2011 is bedoeld voor alle beleggingsinstellingen die over een vergunning beschikken van de AFM. Dit Self Assessment heeft twee doelen:
Ten eerste wil de AFM door middel van het Self Assessment meer informatie krijgen over de kenmerken en activiteiten van beleggingsinstellingen. Deze informatie wordt in module 1 van het Self Assessment aan u gevraagd. Op basis van de verkregen informatie kan de AFM haar toezicht op beleggingsinstellingen efficiënter en effectiever invullen.
Daarnaast wil de AFM u door middel van het Self Assessment een spiegel voorhouden over een aantal actuele en belangrijke thema’s uit voor u van toepassing zijnde wet- en regelgeving. In module 2 van het Self Assessment krijgt u daarom vragen voorgelegd over de onderwerpen informatieverstrekking, beheerste bedrijfsvoering, structuur en verhandelbaarheid. Per vraag of serie van vragen geeft de AFM u een terugkoppeling. Dit biedt u de mogelijkheid uw eigen bedrijfsvoering te spiegelen aan relevante normen in de wet- en regelgeving.