Intrekken van een vergunning
Op grond van de Wft kan de AFM onder bepaalde omstandigheden een vergunning intrekken. Het intrekken van vergunning kan plaatsvinden op verzoek van de vergunninghouder, maar ook op initiatief van de AFM. Bijvoorbeeld wanneer de AFM vaststelt dat een financiële dienstverlener niet aan bepaalde normen voldoet en vaststelt dat er geen andere middelen ter beschikking staan om naleving van die normen af te dwingen en een afweging van alle belangen ook niet tot een andere conclusie leidt.
Een ander voorbeeld: wanneer de AFM vaststelt dat de vergunninghoudende financiële dienstverlener feiten of omstandigheden heeft verzwegen op het moment van vergunningverlening. Als deze feiten of omstandigheden voor de AFM reden zouden zijn geweest om de vergunningaanvraag af te wijzen, kan de AFM alsnog de verleende vergunning intrekken. Een ingetrokken vergunning verdwijnt uit het register van de AFM.
Voorbeeld intrekking
De AFM krijgt een signaal dat bij een financiële dienstverlener een beleidsbepaler achter de schermen aan de touwtjes trekt. Deze beleidsbepaler is nooit aangemeld bij de AFM en heeft een financieel gerelateerd strafrechtelijk verleden. Dat is de reden dat deze beleidsbepaler nooit is aangemeld. De AFM stelt na onderzoek een stromanconstructie vast, waarbij sprake is van opzet. Als de AFM ten tijde van de vergunningverlening op de hoogte was geweest van deze constructie, had zij nooit een vergunning verleend. Om die reden wordt de vergunning ingetrokken.