Handhavingsbeleid AFM en DNB

Als de AFM een overtreding constateert, maakt zij een afweging welke maatregel zij treft. Of een (bestuursrechtelijke) handhavingsinstrument wordt ingezet. En zo ja, welk instrument.

De AFM baseert zich hierbij op het Handhavingsbeleid dat de AFM en DNB hebben vastgesteld. Dit handhavingsbeleid geeft algemene uitgangspunten voor de inzet van handhavingsinstrumenten. 

De AFM vraagt zich telkens af of het beoogde effect met een minder zware maatregel dan een formele handhavingsmaatregel kan worden bereikt. Bijvoorbeeld met een waarschuwingsbrief of een stevig (normoverdragend) gesprek.

Uit door de AFM gepubliceerde boetebesluiten en lasten onder dwangsom kan de markt afleiden onder welke omstandigheden de AFM kiest voor formele handhaving. Overtredingen die de AFM afdoet zonder een formele toezichtsmaatregel, komen echter niet naar buiten. Dit terwijl het hier gaat om de overgrote meerderheid van de zaken.

Ter illustratie: in 2009 heeft de AFM in totaal 52 boetes opgelegd en 1.605 zaken afgedaan met een normoverdragend gesprek/waarschuwingsbrief.

De AFM wil met deze bijdrage inzichtelijk maken welke omstandigheden in de praktijk van belang blijken te zijn bij de keuze om bij constatering van een overtreding al dan niet over te gaan tot formele handhaving.